Geretineerde of geïmpacteerde gebitselementen zijn tanden en kiezen die niet op de normale tijd doorbreken, zoals b.v. de hoektand (cuspidaat) die normaal tussen het 10e en 13e jaar zijn plaats in het blijvende gebit inneemt. Gemiddeld bij meisjes een half jaar eerder dan bij jongens.
Oorzaken waarom een tand niet doorbreekt kunnen o.a. zijn:
1. Erfelijkheid
2. Te weinig ruimte
3. Trauma
4. Cysten / gezwellen
De kaakchirurg kan op een aantal manieren het element in de mond zichtbaar maken nl. door:
-
Het element in de kaak op te zoeken, er een slotje (bracket) op te plaatsen waaraan m.b.v.
een metalen draadje, een plaatje of een slotjesbeugel langzaam (enige maanden) "getrokken" kan worden.
-
Het bot en tandvlees waarmee de tand nog bedekt is te verwijderen. Er wordt bij dit vrijleggen een venster gemaakt naar de tand, zodat deze zichtbaar is.
Dit venster groeit wanneer het niet open wordt gehouden vrij snel dicht. Daarom doet de kaakchirurg hier een stukje wondverband in wat een beetje op stopverf lijkt. Meestal valt dit er binnen drie weken spontaan uit of wordt het na één tot drie weken verwijderd. De tand kan nu makkelijker doorbreken, maar om op de juiste plaats in de tandenrij te komen moet de patiënt vaak weer terug naar de orthodontist of de tandarts, gemiddeld na 6 weken.