In Nederland wordt per jaar naar schatting bij zo'n 36.000 mensen huidkanker vastgesteld. Bij circa 3.500 van hen gaat om een melanoom. Voor de puberteit komt het melanoom uiterst zelden voor. Daarna kan het op elke leeftijd ontstaan, maar meestal tussen de 30 en 60 jaar.
Het aantal patiënten met een melanoom is de laatste vijftien jaar sterk toegenomen, mogelijk vanwege een toegenomen blootstelling aan ultraviolette straling. Meer vrouwen dan mannen krijgen een melanoom. Tegenwoordig wordt bij de meeste patiënten een melanoom in een vroeg stadium vastgesteld.
Melanoom betekent letterlijk 'zwart gezwel'. Een melanoom ontstaat uit de pigmentcellen in de huid: de melanocyten. Meestal zat er op die plaats al een moedervlek. Soms ontstaat een melanoom uit pigmentcellen in een volstrekt 'gave' huid. Melanomen ontstaan dus niet alleen uit moedervlekken. Een melanoom groeit vervolgens door in de diepere lagen van de huid.
Groeiwijze en uitzaaiingen
Een melanoom kan uitzaaien. Via de lymfe kunnen kankercellen terechtkomen in de regionale lymfeklieren en daar uitgroeien tot uitzaaiingen (metastasen).
De regionale lymfeklieren zijn de lymfeklieren waar uitzaaiingen van de tumor als eerste terecht kunnen komen. Bij een melanoom kunnen kankercellen tevens via het bloed uitzaaien naar andere plaatsen in het lichaam, bijvoorbeeld naar de longen, de lever, een andere plaats op de huid of de hersenen.
Vrijwel altijd worden uitzaaiingen als eerste in de regionale lymfeklieren ontdenkt. Maar zij kunnen ook ergens anders in het lichaam als eerste gezien worden. Bij melanomen kunnen uitzaaiingen ontstaan door de vorming van zogenoemde satellieten. Dat zijn kleine uitzaaiingen op de huid rondom (het litteken van) de oorspronkelijke tumor. Ook zogenoemde in-transitmetastasen tussen de oorspronkelijke tumor en het regionale lymfekliergebied kunnen voorkomen. Dat kan zowel in de huid als onder de huid.
Huidveranderingen
Veranderingen in de huid die kunnen wijzen op een (beginnend) melanoom, ontstaan vaak in reeds aanwezige moedervlekken. Deze veranderingen kunnen zijn:
Verschijnselen die wat later kunnen optreden zijn:
Daarnaast kan zich in een gave huid een melanoom vormen. In eerste instantie lijkt dit melanoom op een nieuwe moedervlek. Maar deze pigmentvlek gaat op den duur op de veranderingen vertonen die hierboven zijn vermeld.
Niet alle melanomen zijn donker gekleurd. Soms kunnen de kwaadaardig geworden pigmentcellen geen pigment meer vormen. Deze melanomen noemt men amelanotisch. Omdat zij de gebruikelijke kenmerken van een melanoom missen, zien zij er bedriegelijk goedaardig uit. Het is dus mogelijk dat de arts de huidafwijking niet direct als een melanoom herkent.