Op de afdeling Radiologie worden vier soorten onderzoeken verricht.
Bij een röntgenonderzoek wordt door röntgenstraling de binnenkant van uw lichaam in beeld gebracht. Het onderzoek wordt gebruikt bij het vermoeden op botbreuken. Door het toedienen van contrastvloeistof worden bijvoorbeeld het maagdarmkanaal of de nieren zichtbaar gemaakt of kunnen bloedvaten in kaart worden gebracht. Röntgenstraling kan schadelijk zijn en moet daarom zorgvuldig worden toegepast.
Het onderzoeksgebied wordt ingesmeerd met gelei, die het contact bevordert tussen taster en de organen. De geluidsgolven worden naar de organen gestuurd, weerkaatst en opgevangen. Op deze manier ontstaat er een beeld op de monitor. Een echografie van de ongeboren vrucht tijdens de zwangerschap is de bekendste toepassing van deze onderzoeksmethode.
De CT-scan kan snel een groot aantal dwarsdoorsneden maken van het onderzoeksgebied. Zo kan dit gebied nauwkeurig in beeld worden gebracht. Ook zijn de CT-opnames scherper dan röntgenfoto's. Tijdens het onderzoek ligt u op een tafel die in een soort ring wordt geschoven. In de ring bevindt zich een ronddraaiende bron die röntgenstraling uitzendt. Het hele onderzoek wordt door een computer gestuurd. De beelden worden direct in de computer opgeslagen en zijn met verschillende computertechnieken te bewerken.
Bij Magnetische Resonantie (MRI) wordt gebruik gemaakt van een sterk magnetisch veld en radiogolven. De radiogolven en het magnetisch veld wekken signalen op in het lichaam. Een antenne vangt deze signalen op en zet ze met behulp van de computer om in beelden. Bij dit onderzoek worden geen röntgenstralen gebruikt. Tijdens de MRI ligt u op een tafel die in een tunnel wordt geschoven. Het onderzoek gaat gepaard met vrij veel lawaai. U krijgt daarom tijdens het onderzoek een koptelefoon met muziek op.