Nieuwe behandeltechniek hartritmestoornissen
St. Antonius Ziekenhuis, 30 maart 2009, 12:28 uur.

Boezemfibrilleren is een veelvoorkomende hartaandoening die zich kenmerkt door onder andere hartkloppingen, duizeligheid, kortademigheid, vermoeidheid en pijn op de borst. Wereldwijd hebben zo'n tien miljoen mensen er last van. De aandoening kan leiden tot hartfalen of een beroerte. Wanneer deze aandoening niet afdoende reageert op medicatie komt de patiënt in aanmerking voor een alternatieve behandeling in één van de speciaal hiervoor uitgeruste centra in Nederland. Ook het St. Antonius Ziekenhuis is zo'n centrum.

De meest voorkomende alternatieve behandeling is de zogenaamde ablatie. Hierbij brengt de hartspecialist via de lies een katheter in bij de patiënt en voert deze op naar het hart. Hier brandt hij vervolgens het hartspierweefsel weg dat de ritmestoornis veroorzaakt. De ablatiefbehandeling duurt gemiddeld 90 minuten dankzij een nieuwe behandeltechniek.

"Door gebruik te maken van nieuwe geavanceerde katheters die we samen met de industrie getest
hebben, zijn we in dit ziekenhuis met een ablatiefbehandeling gemiddeld minder dan 90 minuten bezig", zegt dr. L.V.A. Boersma, cardioloog. "In de regel bevindt het hartspierweefsel dat de hartritmestoornis veroorzaakt zich bij de meeste patiënten rondom de vier longaders. Door dit weefsel weg te branden, hef je de hartritmestoornis op."

Nieuw ontwikkelde katheters stellen de hartspecialist in staat de ablatiefbehandeling veel sneller uit te voeren. Boersma: "We hebben inmiddels verschillende katheters getest. De katheter die we het meest gebruiken (PVAC) heeft tien elektrodes die in een cirkelvorm rondom de longader worden geplaatst. Daarmee kan in één keer een cirkel van hartspierweefsel rondom de longaders worden weggebrand. Je zet als het ware een stempel rondom de longader. De katheterpositie blijft stabiel en er is minder röntgenstraling (gemiddeld 20 minuten) nodig om de katheter te sturen. Met deze methode is driedimensionaal navigatie niet langer noodzakelijk." Er zijn nog twee andere katheters ontwikkeld met twaalf (MASC) en acht elektrodes (MAAC), respectievelijk voor het wegbranden van weefsel bij het tussenschot tussen rechter- en linkerboezem en voor het wegbranden van hartspierweefsel op andere delen van de boezem. Boersma: "Afhankelijk van de vorm van boezemfibrilleren, kies je voor het gebruik van een of meerdere katheters tegelijk."

Voordelen van deze techniek zijn dat er efficiënter en relatief eenvoudig overeen groot gebied ablatie wordt verricht, zonder gebruik te hoeven maken van additionele technieken. En met een laag risico. Door de standaardisering van de procedure wordt deze aanzienlijk korter met een voorspelbaar eindpunt. Dit leidt er uiteindelijk toe dat beduidend meer patiënten kunnen worden behandeld voor deze aandoening. In ons eigen ziekenhuis heeft de invoering van deze technologie binnen een jaar geleid tot een verdubbeling van het aantal behandelingen.

Boersma: "Dankzij de nieuwe techniek, zijn we in staat veel sneller te werken en kunnen daardoor dus meer patiënten met hartritmestoornissen op jaarbasis behandelen. Gezien de enorme wachtlijst is dat voor de patiënt een geweldig voordeel."


Terug naar overzicht