Aandoeningen

Alvleesklierontsteking (chronisch)

Als de alvleesklier ontstoken is, spreken we over alvleesklierontsteking of pancreatitis. Bij deze ontsteking worden de enzymen al binnen in de alvleesklier actief, terwijl ze normaal pas in de darmen moeten werken. Hierdoor beschadigt het weefsel van de alvleesklier en ontstaan er klachten.

Een alvleesklierontsteking kan acuut of chronisch zijn. Chronische alvleesklierontsteking verloopt vaak wisselend: klachtenvrije perioden worden afgewisseld door perioden met heftige pijnklachten.

Op deze pagina snel naar

Meer over alvleesklierontsteking (chronisch)

Oorzaak

Doordat de alvleesklier onvoldoende enzymen en hormonen aanmaakt kunnen gewichtsverlies, diarree en suikerziekte optreden.

Bij veel patiënten met chronische alvleesklierontsteking is te veel alcohol drinken de oorzaak van de ontsteking. Er zijn ook andere oorzaken van chronische alvleesklierontsteking:

  • Een stofwisselingsziekte
  • Meerdere episodes van een acute alvleesklierontsteking
  • Een vernauwing van de afvoergang van de alvleesklier. Als deze plek te nauw wordt kan het alvleeskliersap niet worden afgevoerd.
  • Een trauma, zoals een ernstig verkeersongeluk waarbij de alvleesklier beschadigd raakt.
  • Erfelijke aanleg
  • Een immuunziekte

Ook tabaksgebruik speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van een chronische alvleesklierontsteking. Soms wordt geen oorzaak van chronische alvleesklierontsteking gevonden. 

Complicaties bij chronische alvleesklierontsteking

Bij een klein aantal patiënten kan ernstige complicaties optreden.

Verstoring van de werking van de darmen

In de acute fase kan de werking van de darmen verstoord raken, bijvoorbeeld door zwelling in het ontstoken gebied en door prikkeling van het buikvlies; de darmen komen dan stil te liggen. We noemen dit een ileus.

Shock

Ook treedt soms, door vochtophoping in het ontstekingsgebied, een ernstige bloeddrukdaling op (shock). Problemen met de ademhaling kunnen ontstaan door ophoping van vocht achter de longen.

Pseudocysten

Zowel bij chronische als bij acute alvleesklierontsteking ontstaat er soms in de alvleesklier een pseudocyste: een holte gevuld met vocht. Pseudocysten kunnen (pijn)klachten ver- oorzaken wanneer ze op andere weefsels drukken (maag, galwegen). Ook kunnen ze geïnfecteerd raken.

Geelzucht

Het is mogelijk dat de galafvoergang naar de darmen wordt dichtgedrukt door zwelling en littekenvorming in de alvleesklier. Hierdoor kan geel- zucht ontstaan.

Symptomen

Bij een chronische alvleesklierontsteking kunt u vooral pijn in de bovenbuik hebben. Deze pijn kan uitstralen naar uw rug, linkerzij of linkerschouder. De pijn wordt minder als u voorovergebogen zit en de knieën optrekt. De klachten worden vaak erger na een grote maaltijd of na veel drank.

Na verloop van jaren is het bij een alvleesklierontsteking mogelijk dat de alvleesklier steeds minder spijsverteringsenzymen en hormonen aanmaakt. Dat betekent dat voedingsstoffen steeds slechter opgenomen worden.

Als uw alvleesklier te weinig insuline maakt, kunt u diabetes mellitus (suikerziekte) krijgen.

Ook kunnen onderstaande klachten voorkomen.
 

Gebrek aan eetlust

Door pijn, ziekte of zorgen kan uw eetlust minder zijn. U heeft geen zin in eten of het eten zelf smaakt minder goed waardoor u minder eet. Ondervoeding ontstaat als u langere tijd te weinig en ongezond eet.

Geelzucht

Geelzucht is een symptoom bij aandoeningen van de lever en galblaas/galwegen. Hierbij ziet de huid en/of het oogwit geel. Geelzucht wordt veroorzaakt door een te hoog gehalte bilirubine in het bloed. Wanneer de lever of galblaas/galwegen niet goed werken, wordt de afvalstof bilirubine niet goed afgebroken. De intens gele kleur van bilirubine veroorzaakt dan geelzucht.

Gewichtsverlies (ongewenst)

Als u ongewild veel afvalt, is er sprake van ondervoeding. Uw lichaam krijgt dan te weinig energie en voedingsstoffen uit voeding. Vet en spieren worden afgebroken.
Dit kan komen door een ziekte, pijn, zorgen en te veel alcohol drinken.

Misselijkheid

Iedereen is wel eens misselijk of moet wel eens braken (overgeven). Dat hoeft lang niet altijd iets met het maagdarmstelsel te maken te hebben. Denk maar aan zwangerschapsmisselijkheid, reisziekte (bewegingsziekte), een bijwerking van medicijnen of hevige pijn .

Maar er zijn ook heel wat oorzaken die wél iets met onze spijsvertering te maken hebben, zoals:

  • buikgriep;
  • een verstopping of vernauwing ergens in het maag-darmkanaal;
  • een traag werkende maag;
  • leveraandoeningen;
  • maagwandontsteking.


Misselijkheid en braken is dus een vrij ‘vage’ klacht, die kan optreden bij gezonde én zieke mensen. Daarom is het lang niet altijd nodig om direct een arts te raadplegen als u misselijk bent of moet braken. Waarschuw in ieder geval wel de dokter als er sprake is van:

  • (hoge) koorts;
  • bloed braken;
  • een gezwollen buik;
  • geen ontlasting (verstopping);
  • hevige pijn;
  • lang aanhoudend braken;
  • niet meer plassen;
  • rood of zwart bloed in de ontlasting;
  • sufheid of verwardheid.

Braken kan leiden tot vochtverlies, vooral bij jonge kinderen. Probeer kinderen daarom voldoende te laten drinken, en waarschuw bij twijfel uw arts.

Misselijkheid en braken kunnen allerlei oorzaken hebben. Vaak gaan de klachten vanzelf over. Maar als u twijfelt, de klachten lang aanhouden en/of er sprake is van bijkomende problemen, raadpleeg dan uw huisarts. 

Als u voor uw klachten verwezen wordt naar het ziekenhuis, zal de arts op grond van de klachten en verschijnselen beslissen of er extra onderzoek nodig is. Dit kan onder meer bestaan uit onderzoek van bloed of ontlasting, röntgenonderzoek of een kijkonderzoek van het maag-darmkanaal (endoscopie).

Vettige ontlasting

In normale ontlasting zit per 100 gram gemiddeld 0 tot 4 gram vet. Als dit meer wordt kan de ontlasting vettig en plakkerig worden. Dit kan een op zichzelf staande klacht zijn of wijzen op een ziekte of probleem met de spijsvertering.

Vettige ontlasting is licht of gelig van kleur en stinkt meer dan normaal.

Vitaminegebrek

Vitaminegebrek in Nederland zelden voor. Bij ernstige ziekte of bij alcoholisme, als iemand bijna niets meer eet of heel ongezond eet, kan vitaminegebrek voorkomen. Bij mensen die veel binnen zitten, bij mensen met een donkere huid of mensen die volledig afdekkende kleding dragen krijgt de huid te weinig te weinig zonlicht. Daardoor kan bij hen een gebrek aan vitamine D ontstaan.

Soorten

Er zijn twee vormen alvleesklierontsteking: acuut en chronisch. Bij een deel van de patiënten ontstaat na meerdere acute ontstekingen een chronische ontsteking.

Meer over soorten

Bij acute alvleesklierontsteking begint de ontsteking plotseling en de ontsteking geeft hevige pijn in de bovenbuik. Deze pijn straalt vaak uit naar de rug.

Gelukkig is het ziekteverloop in de meeste gevallen mild. Bij een klein aantal patiënten ontstaat een ernstig ziektebeeld, waarbij complicaties kunnen optreden.

Ook bij chronische alvleesklierontsteking is er sprake van beschadiging van het weefsel van de alvleesklier. Deze vorm kenmerkt zich door een meer wisselend verloop. Rustige (klachtenvrije) perioden worden afgewisseld met tijden waarin de symptomen heftig zijn. Naast pijnklachten treden vaak spijsverteringsstoornissen op: de alvleesklier maakt onvoldoende enzymen en hormonen aan, waardoor gewichtsverlies, diarree en suikerziekte kunnen optreden.

Complicaties bij alvleesklierontsteking

Bij een klein aantal patiënten kan ernstige complicaties optreden.

Verstoring van de werking van de darmen

In de acute fase kan de werking van de darmen verstoord raken, bijvoorbeeld door zwelling in het ontstoken gebied en door prikkeling van het buikvlies; de darmen komen dan stil te liggen. We noemen dit een ileus.

Shock

Ook treedt soms, door vochtophoping in het ontstekingsgebied, een ernstige bloeddrukdaling op (shock). Problemen met de ademhaling kunnen ontstaan door ophoping van vocht achter de longen.

Pseudocysten

Zowel bij chronische als bij acute alvleesklierontsteking ontstaat er soms in de alvleesklier een pseudocyste: een holte gevuld met vocht. Pseudocysten kunnen (pijn)klachten ver- oorzaken wanneer ze op andere weefsels drukken (maag, galwegen). Ook kunnen ze geïnfecteerd raken.

Geelzucht

Het is mogelijk dat de galafvoergang naar de darmen wordt dichtgedrukt door zwelling en littekenvorming in de alvleesklier. Hierdoor kan geel- zucht ontstaan.

Onderzoeken

Bij erge pijn in de bovenbuik en rug zal uw arts aan een alvleesklierontsteking denken.

De arts doet een lichamelijk onderzoek waarbij hij nagaat of u naast de pijn ook lichte koorts, een snelle hartslag en lage bloeddruk hebt. Via bloed- en urineonderzoek wordt onderzocht wat het gehalte is van enzymen dat de alvleesklier produceert.

Via een echografie, CT-scan, of MRI kan de arts een verstopping van de galbuis door galstenen goed zien. Ook kan hij zien of de alvleesklier is vergroot door een ontsteking.

Wanneer het vermoeden bestaat dat galstenen de afvoerbuis van de alvleesklier en/of galblaas blokkeren kan een endoscopie (ERCP) gedaan worden.

Behandelingen

Bij de behandeling van chronische alvleesklierontsteking moet de oorzaak van de ziekte worden aangepakt. Dat betekent dus bijvoorbeeld:

  • Stoppen met alcohol drinken.
  • Als sprake is van een stofwisselingsziekte: behandeling daarvan.
  • Een kijkonderzoek van de alvleesklier en de galwegen: ERCP. Tijdens dit onderzoek kunnen direct behandelingen worden uitgevoerd.
  • Een deel van de alvleesklier verwijderen door middel van een operatie.
  • Opensnijden van de alvleesklier; de opengeklapte alvleesklier wordt vastgemaakt aan de dunne darm.

Maakt uw alvleesklier niet meer genoeg enzymen aan, dan krijgt u extra enzymen. Bovendien moet u waarschijnlijk extra vitaminen en mineralen slikken.

Bij eventuele suikerziekte krijgt u injecties met insuline en moet u een dieet volgen.

Daarnaast krijgt u een behandeling tegen de pijn met medicijnen of een operatie, afhankelijk van de plaats van de ontsteking.

Expertise en ervaring

De MDL-artsen van het St. Antonius Ziekenhuis zijn gespecialiseerd in de behandeling van alvleesklierproblemen. U kunt bij ons terecht voor vrijwel alle gangbare behandelingen. Sommige behandelingen zijn zelfs in ons ziekenhuis ontwikkeld. Ook wordt er veel wetenschappelijk onderzoek gedaan. Het kan zijn dat u hiervoor wordt benaderd.

Over de alvleesklier

De alvleesklier is een langgerekt orgaan dat in de bovenbuik ligt, vlak achter en onder de maag. Bij volwassenen is de lengte ongeveer 12 tot 15 centimeter en de dikte 1 tot 3 centimeter. 

De alvleesklier maakt hormonen aan die aan het bloed worden afgegeven, onder andere insuline. Insuline reguleert het suikergehalte in het bloed. De alvleesklier maakt ook spijsverteringssappen aan. Deze spijsverteringssappen worden aan de darmen afgegeven. De enzymen in deze sappen worden in de darm actief en zorgen voor de vertering van het voedsel.

De wetenschappelijke term voor alvleesklier is pancreas.

Meer informatie

Websites

Maag-Darm-Leverstichting

www.mlds.nl

 

Gerelateerde informatie

Code
MDL 30-A