Behandelingen & onderzoeken

Buismaag (dieetadvies)

We spreken van een buismaag als de slokdarm en het bovenste deel van de maag zijn verwijderd en er een nieuwe verbinding is gemaakt tussen de slokdarm en de darmen met het resterende deel van de maag. Dit vraagt om een aanpassing van de voeding.

Op deze pagina snel naar

Meer over buismaag

Buismaag

De slokdarm zorgt voor het transport van voedsel van de mond naar de maag. In de maag wordt het voedsel tijdelijk opgeslagen en voorverteert. In de maag wordt het voedsel gekneed, vermengd met het maagsap en daarna langzaam afgegeven aan de dunne darm.

Bij de operatie die u heeft gehad, zijn de slokdarm en het bovenste deel van de maag verwijderd (zie de linkertekening op onderstaande afbeelding). Met het resterende deel van de maag is een nieuwe verbinding gemaakt tussen het halsgedeelte van de slokdarm en de
darmen: een buismaag (zie de rechtertekening op onderstaande afbeelding).

afbeelding van de slokdarm en maag

Voedselinname na de operatie

De operatie en de gevolgen ervan kunnen invloed hebben op uw voedselinname. Zo kunnen uw smaak en eetlust veranderen, waardoor u minder gemakkelijk voedsel inneemt. Ook pijn, angst, diarree, misselijkheid, overgeven en het gebruik van medicijnen kunnen dit effect hebben.

Door de buismaagoperatie kunt u verder minder voeding opslaan. De inhoud van de buismaag is namelijk ongeveer 1/3 van de oude maag. De opslagcapaciteit van de buismaag komt overeen met een soepkom (25 tot 300 milliliter).

De eerste weken na uw operatie kunnen het slikken en de doorgang van voeding en vocht moeilijk zijn. Soms voelt u een belemmering (drempeltje) in het gebied rond de halsnaad. Dit heeft te maken met het herstel. Langzaamaan gaan het eten en drinken beter en zult u in principe alles weer kunnen eten en drinken.

Toon meer

Sondevoeding

Direct na de operatie krijgt u voeding via een slangetje (sondevoeding). Dit slangetje is bij de operatie via de buikwand in de dunne darm gebracht. Na een paar dagen kunt u zelf wat gaan eten en verminderen we de sondevoeding. Soms besluiten we om na uw ontslag uit het ziekenhuis thuis nog even door te gaan met de sondevoeding om er zeker van te zijn dat u voldoende voeding binnen krijgt.

Toon meer

(Dieet)adviezen na de operatie

Eettempo

  • Eet rustig en kauw goed. Hierdoor is de kans op verslikken en/of het niet willen zakken van het voedsel het kleinst. De voeding kan dan zo goed mogelijk verteerd worden.
  • Blijf na het eten nog een een half uur tot een uur rustig zitten.

Vaker op een dag kleine maaltijden

  • Veel mensen met een buismaag kunnen minder eten en drinken per keer en hebben sneller een vol gevoel. Om toch voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen, raden we aan om 6 tot 9 kleine maaltijden goed verspreid over de dag te gebruiken.
  • Uw lichaam geeft niet aan of u moet eten. De eerste 6 maanden na de operatie hebben de meeste mensen met een buismaag namelijk geen of een sterk verminderd hongergevoel. Eet daarom met de klok. Dit betekent dat u elke 1,5 tot 2 uur iets moet eten of drinken. Een jaar na de operatie ervaart de helft van de mensen met een buismaag weer een hongergevoel.
Toon meer

Voorkomen van oprispingen

Bij de operatie verwijdert de chirurg het sluitspiertje tussen de slokdarm en de maag. Dit sluitspiertje zorgde ervoor dat uw eten niet terug omhoog kon stromen. Na de operatie kan uw eten wel makkelijker omhoog komen. U voelt dit als oprispingen (reflux). Met onderstaande adviezen kunt u dit voorkomen.

  • Neem kleine porties
  • Zit rechtop tijdens en direct na het eten
  • Wacht na het eten een half uur voordat u gaat sporten of klussen. Zo voorkomt u dat bij het bukken of vooroverbuigen het eten omhoog komt. Zak zonodig door uw knieën bij het vastmaken van de schoenveters!

Als refluxklachten plaatsvinden tijdens uw slaap, raden we aan de eerste maanden na uw operatie het hoofdeinde van het bed te verhogen. Slaap in dit geval in een hoek van ongeveer 30 graden.

Toon meer

Voorkomen van ondervoeding

Bij ondervoeding door ziekte, heeft uw  lichaam een tekort aan:

  • eiwitten
  • energie en/of
  • voedingsstoffen als vitamines en mineralen

Na elke operatie is gewichtsverlies mogelijk. Hier is niets aan te doen. Wel kunnen we proberen om dit zoveel mogelijk te voorkomen. Gewichtsverlies bij ziekte betekent namelijk ook afname van spieren en een verminderde functie van organen. Hierdoor geneest de wond minder goed en is er meer kans op infecties. U herstelt minder snel en voelt zich vaak minder goed.

Toon meer

Eiwitten

Na de operatie is het belangrijk om, naast voldoende energie-inname, ook veel eiwitten te gebruiken. Eiwitten zijn de bouwstoffen voor lichaamscellen. Deze bouwstoffen zijn nodig voor de opbouw, het onderhoud en het herstel van het lichaamsweefsel, zoals spieren en organen.

Dierlijke producten zijn rijk aan eiwitten. Denk bijvoorbeeld aan vlees, vis, kip, gevogelte, (karne)melk, yoghurt, vla, pap, kwark, (smeer)kaas en ei. Maar ook tahoe, tempé, vegetarische vleesvervangingen, noten en peulvruchten (zoals witte en bruine bonen) bevatten veel eiwitten.

Toon meer

Vitamines en mineralen

Onderzoek bij mensen met een buismaag heeft laten zien dat het moeilijk is om met gewone voeding dagelijks voldoende vitamines, mineralen en spoorelementen binnen te krijgen.

 Als u geen gebruikmaakt van sonde- of drinkvoeding raden we u aan een multivitaminen- en mineralenpreparaat te gebruiken. Dit om tekorten te voorkomen. Uw diëtist kan u adviseren welk preparaat u het beste kunt gebruiken.

Vitamine B12

Als uw voeding in uw maag in aanraking is gekomen met een speciale stof (intrinsic factor)kan de dunne darm vitamine B12 uit de voeding halen. Bij het ouder worden, door de buismaagoperatie en bij langdurig gebruik van maagzuurremmers kan de hoeveelheid intrinsic factor in de maag afnemen. Op termijn kan dan een vitamine B12 tekort in het lichaam ontstaan.

Een tekort aan vitamine B12 leidt uiteindelijk tot bloedarmoede en stoornissen in de zenuwen van de benen. Het is aan te bevelen jaarlijks het gehalte vitamine B12 in uw bloed te laten controleren. Bespreek dit met uw chirurg of huisarts. Als de waarde B12 te laag is, kan met B12-injecties het gehalte op peil worden gebracht en gehouden.

Toon meer

Gewichtsbeloop

Het is goed om bij ondervoeding wekelijks uw lichaamsgewicht te controleren op een vast moment op de dag.

Weegt u bij voorkeur vóór het ontbijt, op dezelfde weegschaal en in dezelfde kleding. Bij gewichtsverlies is het verstandig om contact op te nemen met uw diëtist.

Toon meer

Lichaamsbeweging

Met alleen goede voeding kan het lichaam niet herstellen. Ook voldoende lichaams-beweging is belangrijk.

Niet bewegen zorgt ervoor dat de spieren in het lichaam in omvang afnemen. Om uw spiermassa zoveel mogelijk te behouden of te laten toenemen, raden we u aan elke dag te bewegen. Doe dit pas als uw wonden genezen zijn en u het lichamelijk weer aankunt.

Denk bij bewegen aan het ondernemen van dagelijkse activiteiten, zoals het zelf doen van boodschappen en huishoudelijke taken, wandelen en fietsen.

Voor meer informatie over specifieke training en revalidatie na uw operatie kunt u contact opnemen met uw huisarts of de verpleegkundig specialist uit het ziekenhuis.

Toon meer

Aanvullende (dieet)adviezen

Aanhoudende slik- en passageklachten

Door de operatie kunt u slikklachten krijgen. Als deze klachten 6 weken na de operatie niet minder zijn, of als u toenemende pijn voelt bij het doorslikken, kan er door littekenweefsel sprake zijn van vernauwing (naadstenose) van de buismaag.

Littekenweefsel

In de herstelfase na de operatie vormt zich rond de halsnaad littekenweefsel. Hierdoor kan de doorgang te klein worden. Vast voedsel kan terugvloeien naar de mond en het doorslikken van voedsel kan pijnlijk zijn. Deze klachten kunnen lijken op de klachten van vóór de operatie. Bespreek deze passageklachten met uw verpleegkundig specialist of chirurg. Soms is het nodig de slokdarm op te rekken.

Van een aantal specifieke voedingsmiddelen is bekend dat zij passageklachten kunnen geven; het voedingsmiddel blijft dan steken rond de halsnaad. Veel genoemde producten die klachten opleveren zijn: gestoofd draadjesvlees, gehaktbal, biefstuk, grove rauwkost, citrusfruit, hard gekookt ei, witbrood, pinda’s en noten.

Dumpingklachten

Door de buismaagoperatie is de zenuw die de maag aanstuurt beschadigd. Hierdoor kan de werking van de sluitspier afwezig of verstoord zijn. Het eten en drinken kan sneller en in grotere hoeveelheden dan normaal in de dunne darm terechtkomen. Dit wordt ‘dumping’ genoemd. Als u te grote porties in één keer eet, te veel drinkt bij een maaltijd en/of te snel eet, kunnen een of meer van onderstaande klachten optreden:

  • misselijkheid
  • buikpijn
  • darmkrampen
  • overgeven
  • diarree
  • hartkloppingen
  • zweten
  • neiging tot flauwvallen
  • beven/trillen
  • groot hongergevoel

Tips bij dumpingklachten:

  • Gebruik 6 tot 9 kleine maaltijden goed verspreid over de dag.
  • Eet rustig en kauw goed.
  • Drink weinig bij de maaltijden, anders spoelt het voedsel te snel naar de dunne darm. Meestal geeft 1 klein glas of een kopje drinken bij het eten geen klachten.
  • Gebruik soep een uur voor de maaltijd en het nagerecht een uur na de maaltijd. Bij ernstige dumpingklachten kan het helpen de maaltijden ‘droog’ te gebruiken.
  • Dumpingklachten kunnen ook optreden na gebruik van te veel ‘snel opneembare’ suikers zoals ‘gewone’ suiker en vruchtensuiker. Wees daarom matig met limonade, vruchtendranken (appelsap, druivensap, sinaasappelsap), frisdranken, snoep, koek en de hoeveelheid suiker in koffie en thee.
  • Suiker wordt ook verwerkt in voedingsmiddelen als cake, ontbijtkoek, gebak, koekjes en zoet beleg. Vermijd overmatig gebruik van deze producten.
  • Melk bevat melksuiker (lactose). Ook dit is een snel opneembare suiker. Gebruik van grote hoeveelheden melkproducten kan ook dumpingklachten veroorzaken. Per dag wordt aanbevolen om 2 tot 3 melkproducten te gebruiken ((300-450 ml). Gebruikt u meer melkproducten en heeft u klachten, verminder de hoeveelheid dan tot de aanbevolen hoeveelheden. Houden de klachten dan nog aan, probeer dan eens (deels) zure melkproducten, zoals karnemelk en yoghurt. Deze worden meestal beter verdragen, omdat ze minder lactose bevatten.
Toon meer

Adviezen bij risico op ondervoeding

Als het niet lukt om op gewicht te blijven en u valt veel af, dan loopt u een risico ondervoed te raken. Dit heeft negatieve gevolgen voor uw herstel. Het is dan belangrijk om meer energie en eiwit uit de voeding binnen te krijgen.

Probeer per dag minimaal 1,2 tot 1,5 gram eiwitten per kilogram lichaamsgewicht te eten. Voorbeeld: heeft u een lichaamsgewicht van 60 kg, dan heeft u 72 tot 90 gram eiwit per dag nodig.

Om uw dagelijkse eiwitinname te controleren, kunt u gebruikmaken van het onderstaande overzicht.

Product Per... Eiwit (gram)
Bonen (bruine/witte), gekookt 1 lepel = 60 gram 5
Chocolademelk 1 beker = 250 ml 9
Ei 1 stuk = 50 gram 7
Huzarensalade 50 gram 3
Kaas Voor 1 snee = 20 gram 5
Kwak, naturel 1 schaaltje = 150 ml 15
Melk 1 beker = 150 ml 10
Noten en pinda's 1 eetlepel = 20 gram 5
Pap 1 schaaltje = 150 ml 5
Vegetarische vleesvervanging 100 gram 16
Vis 100 gram 18
Vla 1 schaaltje = 150 ml 5
Vlees 100 gram 20
Vleeswaren Voor 1 snee = 20 gram 4
Yoghurt 1 schaalte = 150 ml 6
Yoghurtdrank 1 beker = 250 ml  8
Drinkvoeding (afhankelijk van het soort) Flesje 8 tot 20
     
Toon meer

Tips voor energierijke voeding

  • Smeer boter of margarine dik op brood en op de broodvervangingen.
  • Beleg elke boterham ruim met volvette kaas of niet te magere vleeswaren.
  • Kies voor volle melk en melkproducten.
  • Voeg geen water toe bij de bereiding van jus of saus en gebruik een ruime portie.
  • Voeg (ongeklopte) slagroom toe aan koffie, pap, vla, yoghurt, soep en dergelijke.
  • Gebruik tussendoor een hartige of zoete snack, zoals een kroket, zalmsalade, haring, gebakje, plak cake of een plak ontbijtkoek met boter of margarine.
  • Voeg ruim suiker of honing toe aan koffie, thee, pap, yoghurt en dergelijke.
  • Kies voor energierijke dranken. Beperk het gebruik van energiearme dranken, zoals (mineraal)water, bouillon, thee en koffie zonder suiker/melk en light frisdrank.
Toon meer

Drinkvoeding

Soms is het na een buismaagoperatie moeilijk om met alleen ‘gewone’ voedingsmiddelen het gewicht op peil te houden of alle noodzakelijke voedingsstoffen binnen te krijgen.

Dan kan het nodig zijn de voeding aan te vullen met drinkvoeding. De diëtist regelt dit. Een deel van de mensen met een buismaag gebruikt een jaar na de operatie nog steeds aanvullend drinkvoeding.

Toon meer

Meer informatie

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Bel ons dan tijdens ons  telefonisch spreekuur. Dit spreekuur is op werkdagen van 09.00-09.30 uur via 088 320 78 05.

U kunt buiten dit spreekuur om ook altijd contact opnemen met de afdeling van Voeding & Dieet.

Meer informatie vindt u ook op de websites van:

Gerelateerde informatie

Code
DIE 43-AD