Behandelingen & onderzoeken

Dotterbehandeling

Een dotterbehandeling is een methode om een vernauwing in een bloedvat op te heffen. Deze behandeling heet ook wel ballondilatatie. De vernauwing in het bloedvat wordt opgerekt door het opblazen van een ballon, waarna het bloed weer goed door de slagader kan stromen.

Het ballonnetje wordt vanuit de lies of pols met een dun slangetje (katheter) in de kransslagader geschoven Meestal wordt tijdens het dotteren meteen een stent geplaatst. Dat is een buisje van geweven metaal die het bloedvat open houdt.

Risico's en complicaties

Aan een dotterbehandeling kleven risico’s. De beslissing om te dotteren wordt daarom altijd weloverwogen genomen door uw behandelend arts en u.

Complicaties die kunnen optreden rond de ingreep zijn:

  • Bloeding op de aanprikplaats
  • Hartinfarct
  • Beroerte
  • Beschadiging van de slagader/ader waar de katheter werd ingebracht. Soms is het nodig dat de vaatchirurg dit met een operatie repareert.
  • Hartritmestoornissen tijdens de ingreep
  • Allergische reactie op contrastvloeistof
  • Nierfunctiestoornissen
  • Heel soms dreigt er als gevolg van de dotterbehandeling een hartinfarct te ontstaan en is het nodig om direct een bypassoperatie te verrichten. Het is goed om te weten dat in het St. Antonius Ziekenhuis altijd hartchirurgen aanwezig zijn die, als het nodig is, zonder tijdverlies kunnen ingrijpen.

Complicaties die kunnen optreden in het eerste jaar na de dotterbehandeling

  • Hervernauwing van het gedotterde bloedvat. Dit wordt veroorzaakt door littekenweefsel in de stent. De patiënt merkt dat door opnieuw optreden van pijn op de borst klachten. Tegenwoordig is dit zeldzaam, maar ook meestal goed te behandelen met een tweede dotterbehandeling. 
  • Acute afsluiting van de geplaatste stent door een bloedstolsel. Daardoor dreigt een hartinfarct te ontstaan. Dit is een ernstige complicatie, die meestal veroorzaakt wordt door het niet goed innemen van de bloedverdunners na de ingreep. Het is daarom van groot belang dat gedotterde patiënten hun bloedverdunners dagelijks volgens voorschrift innemen!

Deze complicaties treden zelden op en zijn bovendien afhankelijk van de lichamelijke gesteldheid en leeftijd van de patiënt

Toon meer

Voorbereiding

Eten en drinken

Voor dit onderzoek hoeft u niet nuchter te zijn. Wel is het verstandig om 2 uur voor het onderzoek niet teveel en te zwaar te eten en enkele glazen water extra te drinken als u  geen vochtbeperking heeft.

Medicijnen

  • Wij informeren u vooraf over welke bloedverdunners u mag blijven gebruiken voor de behandeling en met welke u tijdelijk moet stoppen.
  • U heeft waarschijnlijk van ons een recept gekregen voor medicijnen tegen stent-trombose. Deze medicijnen kunt u gewoon door blijven gebruiken.
  • Heeft u diabetes? Dan krijgt u van te voren instructies over uw dieet en medicijngebruik.
  • Neem plastabletten liever pas na de behandeling in.

Heeft u vragen over medicijngebruik? Neem dan contact op met uw cardioloog.

Allergieën

Bent u allergisch voor bepaalde medicijnen, pleisters of contrastvloeistof? Vertel dit dan vóór de behandeling aan de verpleegkundige.

Opname in het ziekenhuis

Voor een dotterbehandeling (met of zonder stentplaatsing), wordt u opgenomen op de verpleegafdeling. Meestal blijft u de nacht na de behandeling, soms ook de nacht voor de behandeling. Lees meer over opname in het ziekenhuis.

Aanvullende voorbereiding dotterbehandeling met stentplaatsing

Wanneer bij u een stent wordt geplaatst, wordt u een dag eerder opgenomen. Ter voorbereiding op de behandeling wordt er bij u bloed geprikt, een hartfilm (ECG) gemaakt en vinden onderstaande onderzoeken plaats:

Duplexonderzoek

Met behulp van geluidstrillingen meet de onderzoeker uitwendig de snelheid waarmee het bloed door de bloedvaten in de hals stroomt. Uw arts kan zo eventuele vaatafwijkingen opsporen. Het onderzoek is ongevaarlijk en pijnloos.

TCD-monitoring

Naast het duplexonderzoek vindt TCD- monitoring plaats. De afkorting TCD staat voor transcraniële doppler. Dit houdt in dat met behulp van een geluidskop de snelheid wordt gemeten waarmee het bloed door de bloedvaten in de hersenen stroomt. De laborant beweegt hiervoor een geluidskop over uw hoofd. Zo zoekt de laborant de plaats waar de meting het best verricht kan worden. Dit onderzoek neemt zo’n 60-90 minuten in beslag.

Behandeling

Voorbereiding op de dag van de behandeling

Op de dag van de behandeling wordt uw bloeddruk gemeten en indien nodig een hartfilmpje (ECG) gemaakt. Zo nodig geeft de verpleegkundige u een rustgevend tabletje. Dan wordt u naar de operatieafdeling gebracht. Eenmaal op de behandeltafel wordt u aangesloten op bewakingsapparatuur. U krijgt ook een infuus in uw arm, waardoor u tijdens de behandeling eventueel medicijnen en vocht krijgt toegediend.

Wat gebeurt er bij de dotterbehandeling?

U krijgt een verdovingsprik, waarna de slagader van de arm of lies wordt aangeprikt en de katheter wordt ingebracht. De arts schuift de katheter via uw lichaamsslagader (aorta) naar uw hals. De meeste mensen ervaren dit niet als pijnlijk. Via de katheter wordt contrastvloeistof in de slagader gespoten. Dat geeft soms een warm gevoel. Door de contrastvloeistof worden de slagaders en de vernauwing zichtbaar op het beeldscherm en kunnen er foto’s gemaakt worden. Hierop is te zien op welke plaats de halsslagader is vernauwd. Voor de kwaliteit van de foto’s is het van belang dat u stil ligt.

Nu de plaats van de vernauwing is bepaald, blaast de arts het ballonnetje op dat in de katheter zit. De vernauwde ader wordt daardoor wijder gemaakt, zodat het bloed weer genoeg ruimte heeft om te stromen. Als het resultaat onvoldoende is wordt er via de katheter een stent in de ader geplaatst. Een stent is een kokertje van gevlochten metaal. Het verstevigt de ader en zorgt ervoor dat deze niet meer terug kan veren. De stent is ongeveer twee centimeter lang en heeft een doorsnee van een paar millimeters en blijft definitief in de slagader zitten. Dit voorkomt een nieuwe vernauwing van de slagader.

Tijdens het dotteren wordt uw bloeddruk en hartslag continu in de gaten gehouden. Als u pijn op de borst krijgt, zegt u dit dan tegen de cardioloog die u dottert. U krijgt dan iets tegen de pijn. Gedurende de behandeling bent u bij kennis en kunt u gewoon met de arts of de verpleegkundige praten.

Duur van het onderzoek

Het onderzoek duurt een tot anderhalf uur.

Na de dotterbehandeling

Na de behandeling wordt de katheter verwijderd en wordt het wondje verbonden met een drukverband. Bij de operatie via de lies wordt vaak gekozen voor een angioseal. Dit is een soort plugje dat de opening afsluit in uw liesslagader waar de katheter is ingebracht. Het lost binnen drie maanden (90 dagen) vanzelf op. Het aanbrengen van de angioseal kan even pijn doen. Ter observatie gaat u na de behandeling naar de uitslaapkamer of naar de Hartbewaking. Daarna wordt u naar de verpleegafdeling gebracht.

Wanneer naar huis

Na de dotterbehandeling zijn er 2 mogelijkheden: U verblijft een nachtje in het ziekenhuis op de verpleegafdeling óf U verblijft minimaal 6 uur op de dagbehandeling cardiologie (M-VIC). Uw arts beslist of u dezelfde dag naar huis mag. In de uitnodigingsbrief staat wanneer we verwachten dat u naar huis gaat. 

Indien nodig maakt de verpleegkundige een hartfilmpje en controleert regelmatig uw bloeddruk, hartslag en de wond in uw lies. U mag weer eten en drinken. Het is goed om veel te drinken: u plast de contrastvloeistof dan sneller uit. De eerste twee tot zes uur houdt  u bedrust.

Nazorg

Naar huis

Als u naar huis gaat controleert de arts, verpleegkundig specialist of verpleegkundige voor uw vertrek de wond in de lies en krijgt u een ontslagbrief mee. U moet in een rolstoel naar de auto worden gereden. Indien u een nachtje in het ziekenhuis moet verblijven kunt u over het algemeen tussen 09.30 en 11.00 uur de volgende dag weer naar huis.

U mag niet op eigen gelegenheid naar huis. Spreekt u dus af dat iemand u ophaalt.

De eerste drie dagen na uw ontslag moet u rustig aan doen om te voorkomen dat het wondje gaat bloeden. Dit betekent:

Na operatie via de lies

  • Zo min mogelijk lopen en staan.
  • Zo min mogelijk traplopen. Als u toch trap moet lopen, zet dan eerst het goede been neer en trek vervolgens het aangeprikte been bij.
  • Niet zelf autorijden of fietsen.
  • Geen zware voorwerpen tillen.
  • U kunt wel weer douchen maar u mag drie dagen geen bad nemen.

Na operatie via de pols

  • U mag uw arm de eerste 24 uur niet gebruiken en daarna nog twee dagen uw arm ontzien. Vindt u dit lastig dan kunt u de eerste 24 uur gebruik maken van een mitella.
  • Til geen zware dingen.
  • Maak niet teveel bewegingen met uw arm.
  • De eerste drie dagen mag u niet autorijden of fietsen.
  • Vermijd de eerste twee tot drie dagen ook: handen schudden, huishoudelijk werk en steunen op de pols.
  • U kunt wel weer douchen maar u mag drie dagen geen bad nemen.

Uw dagelijkse activiteiten kunt u meestal op de derde dag na de ingreep weer oppakken. Stel sporten en zware lichamelijk inspanning uit tot een week na de ingreep. Wel kunt u vanaf de derde dag weer seks hebben. Dat is absoluut ongevaarlijk.

Controle

Drie maanden na uw ontslag uit het ziekenhuis wordt u voor controle verwacht bij uw arts. Eventueel vinden er dan aanvullende onderzoeken plaats.

Medicijnen

De arts schrijft u medicijnen voor die het bloed verdunnen, waarschijnlijk ben u hier voor de behandeling al mee gestart. Bij een stent geldt dat de wand van het bloedvat in de loop van een jaar weer over de stent heen groeit. Tot die tijd heeft de stent de neiging om te stollen. Deze medicijnen zorgen ervoor dat geen bloedstolsel in de stent ontstaat. Het is belangrijk dat u deze medicijnen blijft gebruiken, ook als u zich weer beter voelt.

Expertise en ervaring

Het St. Antonius Hartcentrum is het grootste hartcentrum van Nederland. Ons centrum verricht de meeste hartbehandelingen per jaar; 2500 dotterbehandelingen, 2000 hartoperaties en 1600 ritmebehandelingen.

Ons Hartcentrum is een behandelcentrum met een internationale reputatie. Die naam hebben we te danken aan onze topspecialisten en doordat we permanent werken aan de verbetering van nieuwe, patiëntvriendelijke behandeltechnieken.

Meer informatie

Filmpje dotterbehandeling

Wilt u weten hoe een dotterbehandeling verloopt? Bekijk dan dit filmpje.

Websites

Kijk op de website van de Hartstichting.nl voor meer informatie over hart- en vaatziekten.

Code
CAR 37