Behandelingen & onderzoeken

Gebroken pols bij kinderen

Een polsbreuk is een veel voorkomende botbreuk bij kinderen. Meestal wordt de breuk behandeld met gips.

De pols is het gewricht dat wordt gevormd door de handwortelbeentjes in de hand en de twee onderarmbotten: het spaakbeen en de ellepijp.

Het bot van kinderen kan worden vergeleken met een jong twijgtakje. Kinderbot heeft andere eigenschappen dan bot van volwassenen: het is elastischer, veerkrachtiger en het beenvlies om het bot heen is taaier en dikker dan bij volwassenen. Het botvlies blijft daarom bij veel kinderbotbreuken intact.

Op deze pagina snel naar

Meer over de polsfractuur

Wanneer bij een breuk het botvlies volledig intact blijft, spreken we van een torusfractuur. De breuk is dan stabiel, de botdelen zijn niet verplaatst en het bot heeft alleen een deukje opgelopen.

Wanneer het botvlies aan één zijde intact blijft, spreken we van een twijgbreuk of greenstickfractuur. In de meeste gevallen is bij deze breuk de stand van de botdelen ook goed (alleen een klein knikje).

Het ‘rechtzetten’ van het bot is alleen nodig bij grote standsafwijkingen. De arts bepaalt wanneer hier sprake van is.

Behandeling

Gipsspalk

Bij een botbreuk met goede stand van de botdelen wordt een gipsspalk aangelegd. Bij een botbreuk met een afwijkende stand is het soms nodig om eerst het bot recht te zetten. De arts bepaalt wanneer dit nodig is. Bij kinderen hoeven niet alle botbreuken met een standsafwijking rechtgezet te worden. Kinderen zijn nog in de groei. Het kinderbot heeft een groot vermogen tot zelf recht groeien.

Na ongeveer een week komt uw kind terug op de poli. De arts bepaalt dan hoe de behandeling verder zal gaan. Bij een gezette pols worden opnieuw röntgenfoto’s gemaakt om te controleren of de stand van de botten goed is gebleven.

De duur van de gipsbehandeling is bij kinderen korter dan bij volwassenen, omdat het botherstel door de groei sneller verloopt.

Nazorg

Pijnstilling

Als uw kind pijnstilling nodig heeft, dan is paracetamol (in de vorm van smelttabletten of zetpillen) meestal voldoende. De pijn neemt bij kinderen vaak binnen een paar dagen af of is zelfs helemaal weg. Een gezette pols kan langduriger pijnlijk zijn. Als paracetamol niet afdoende is, adviseren wij u contact op te nemen met uw huisarts of uw behandelend arts in het ziekenhuis.

Draagdoek

Uw kind gaat naar huis met een draagdoek (mitella), zodat de arm rust krijgt. Het is belangrijk om de arm goed hoog te houden (pols hoger dan de elleboog) om zwelling in de onderarm en de vingers te voorkomen. ‘s Nachts mag de mitella af.  Na een paar dagen mag de mitella helemaal afblijven.

Uw kind zal zijn/haar arm op geleide van klachten gaan gebruiken. Alle gewrichten die niet in het gips zitten, mogen volledig gebruikt worden (vingers, elleboog, schouder, duim). Het is verstandig om risicovolle activiteiten met een grote kans op vallen te mijden (indoorspeelhal, trampolines etc.)

Herstel en sporten

Als het gips eraf is, adviseren we nog een aantal weken te wachten met sporten en/of gymnastiek op school. Fysiotherapie is meestal niet nodig.

Contact opnemen

Neem contact op wanneer, ondanks het hoog houden van uw arm:

  • Uw vingers of tenen gaan tintelen, erg dik worden of erg paarsblauw of bleek verkleuren. Let op: als uw pols ‘gezet’ is, gaat dit altijd gepaard met opzwellen en een blauwe verkleuring.
  • U uw vingers niet of nauwelijks kunt bewegen.
  • U in het gips pijn of knelling voelt die niet overgaat. Pijn op de plaats van de breuk is meestal niet verontrustend.
  • Uw gips nat is geworden.

De Gipskamer van het St. Antonius Ziekenhuis is op werkdagen tussen 08.30 en 16.30 bereikbaar op:

  • Gipskamer locatie Nieuwegein: 088 320 27 05
  • Gipskamer locatie Utrecht: 088 320 27 06
  • Gipskamer locatie Woerden: 088 320 46 21

Buiten deze tijden en in het weekend kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp
(https://www.antoniusziekenhuis.nl/specialismen/spoedeisende-geneeskunde).

Gerelateerde informatie

Code
GIPS 15-B