Obductie is een inwendig onderzoek op een overleden persoon. Andere woorden voor obductie zijn sectie of autopsie. Het onderzoek wordt gedaan door een patholoog. Dit is een arts die gespecialiseerd is in deze vorm van onderzoek.

Als uw partner, familielid of dierbare is overleden, dan kan de behandelend arts u vragen of obductie op het lichaam mag plaatsvinden. De omstandigheden waarin verdriet of andere emoties overheersen, maken het soms moeilijk om een goede afweging te maken. Onderstaande informatie kan u helpen bij het maken van een keuze om hier wel of geen toestemming voor te geven.

Op deze pagina snel naar

Meer over obductie

Een obductie is een uitgebreid onderzoek. Bijna alle organen van de overledene worden hierbij onderzocht. Een obductie is te vergelijken met een operatie. Dit gebeurt uiteraard op een respectvolle manier en op een dusdanige wijze dat er achteraf vrijwel niets meer van te zien is. Voordat de patholoog aan de obductie begint, onderzoekt hij of zij het lichaam eerst uitgebreid van buiten: het uitwendig onderzoek. Daarna volgt het inwendig onderzoek (de obductie).

Toestemming

In geval van een natuurlijke dood moet aan de nabestaanden toestemming worden gevraagd voor een obductie.

Nabestaanden kunnen ook alleen toestemming geven op bepaalde onderdelen. Als u als nabestaanden bijvoorbeeld bezwaar heeft tegen hersenonderzoek, bespreek dit dan met de arts. Er kan dan een gedeeltelijke obductie plaatsvinden.

Ook andere eventuele bezwaren kunt u kenbaar maken aan de behandelend arts. Als uw bezwaar ertoe leidt dat de obductie onvoldoende resultaat zal opleveren, dan bespreekt de arts dit met u. U kunt dan op basis van dit gesprek nieuwe afwegingen maken voordat u een definitief besluit neemt.

Het besluit van de nabestaanden zal altijd worden nageleefd en gerespecteerd.

Uitzonderingen

In bepaalde situaties gelden andere procedures:

  • Als de overledene in een wilsbeschikking heeft laten opnemen dat hij/zij geen obductie wil, kunnen nabestaanden niet alsnog toestemming geven voor een obductie.
  • Als iemand een niet-natuurlijke dood is gestorven, geldt een andere procedure, zoals verderop wordt beschreven bij het onderdeel niet-natuurlijk overlijden.
Toon meer over toestemming

Waarom obductie?

Het meest gegeven antwoord op deze vraag is: ‘Om de doodsoorzaak vast te stellen’. Het is namelijk niet altijd duidelijk waaraan iemand precies is overleden. Nabestaanden en artsen willen vaak weten hoe het ziekteproces en de daaropvolgende dood precies verlopen zijn.

Een obductie is het beste hulpmiddel om goed te onderzoeken wat in de laatste levensfase met een patiënt is gebeurd en om achteraf te controleren of een medische behandeling juist is geweest. Dat zal niet meer van betekenis zijn voor de overledene zelf, maar wel voor andere patiënten. Die kunnen profiteren van de lessen die van een obductie geleerd worden.

De ervaring heeft geleerd dat ook bij overleden patiënten waarbij de reden van overlijden duidelijk leek, soms dingen gevonden worden die niemand had verwacht. De informatie die een obductie oplevert, helpt de artsen om kritisch te kijken naar de door hen ingestelde behandeling.

Een andere reden voor een obductie is dat je ermee kunt vaststellen of de ziekte erfelijk of besmettelijk is. Als een overleden kind bijvoorbeeld een erfelijke ziekte blijkt te hebben, kunnen de ouders die informatie laten meespelen bij het al dan niet krijgen van meer kinderen. Bij een besmettelijke ziekte moet actie worden ondernomen om eventueel besmette personen op te sporen en te onderzoeken.

Tenslotte is een obductie van belang voor de wetenschap. Veel kennis over ziekten is verkregen door obductiemateriaal te onderzoeken.

Toon meer over waarom obductie

Wat gebeurt bij een obductie?

In het kort gezegd wordt bij een obductie het lichaam van een overledene geopend om zo de organen in het lichaam te onderzoeken.

De patholoog haalt de organen één voor één uit het lichaam, weegt de organen en snijdt ze in om ook de binnenkant te kunnen inspecteren. Vervolgens haalt de patholoog een klein stukje weefsel uit de organen om microscopisch te onderzoeken. Dat is belangrijk, omdat niet alle afwijkingen met het blote oog herkenbaar zijn.

Daarna plaatst de patholoog de organen terug in het lichaam, behalve de organen waarvan het onderzoek nog niet afgerond kan worden. Het lichaam wordt gesloten en daarna overgedragen aan de begrafenisondernemer.

Als de overledene voor een opbaring wordt aangekleed, is van de obductie niets meer te zien. Als er hersenonderzoek is gedaan en de overledene is kaal of heeft weinig haar, dan zullen er op het achterhoofd wel enkele hechtingen zichtbaar zijn.

Het bewaren van weefsel en organen

Bij een obductie worden kleine stukjes weefsel bewaard voor het microscopisch onderzoek. In bepaalde omstandigheden worden soms ook één of meer organen –  of delen daarvan – langer bewaard,  bijvoorbeeld het hart of de hersenen.  Hiervoor kunnen verschillende redenen zijn:

  • Het orgaan is heel klein en moet daarom in zijn geheel voor het aanvullend microscopisch onderzoek worden meegenomen.
  • Er is een ingewikkelde afwijking aan het orgaan, waarvoor uitgebreider onderzoek nodig is, al dan niet in samenwerking met een expert.
  • Het weefsel of orgaan moet eerst bewerkt worden voordat het kan worden onderzocht. Die bewerking kan enkele dagen en soms weken in beslag nemen. Voor hersenonderzoek bijvoorbeeld is een periode van 6 tot 12 weken nodig voor bewerking en beoordeling.

In deze omstandigheden is het dus wenselijk om (delen van) organen langer te bewaren om tot een diagnose te kunnen komen. Deze weefsels of organen kunnen dan niet met de overledene mee begraven of gecremeerd worden. Ze worden later alsnog gecremeerd door het ziekenhuis. Het is belangrijk dat u zich dit realiseert. Als u hier bezwaar tegen heeft, laat dit dan weten aan de arts.

Toon meer over wat er gebeurt bij een obductie

De procedure

De procedure voor obductie bestaat uit onderstaande stappen.

Arts vraagt om toestemming

De procedure begint met de vraag van de arts of u als nabestaanden toestemming geeft voor obductie. Besluit u geen toestemming te verlenen, dan wordt er geen obductie verricht.

Naar het Mortuarium

Als u wel toestemming geeft, wordt de overledene naar het Mortuarium gebracht en verricht de patholoog binnen afzienbare tijd (meestal 1 werkdag) de obductie. Als de periode voorafgaand aan de obductie te lang duurt, bijvoorbeeld bij overlijden in het weekend, dan zal de behandelaar u informeren over het tijdstip van de obductie.

Obductie

De obductie vindt altijd plaats in het Mortuarium van het St. Antonius Ziekenhuis Nieuwegein. Als een patiënt in St. Antonius Ziekenhuis Utrecht overlijdt, wordt de overledene voor de obductie overgebracht naar het ziekenhuis in Nieuwegein. De obductie duurt in totaal tussen de 1 en 4 uur.

Uitvaartondernemer

Na het onderzoek haalt de uitvaartondernemer de overledene op voor de voorbereidingen voor opbaring en/of begrafenis of crematie.

Obductieverslag

Na de obductie maakt de patholoog een verslag dat wordt opgestuurd naar de arts die de obductie heeft aangevraagd. Als u behoefte heeft om de bevindingen van de patholoog met de behandelend arts te bespreken, dan is dit mogelijk. De afspraak hiervoor is meestal zo'n 6 weken na de obductie.

Toon meer over de procedure

Niet-natuurlijk overlijden

Iemand die overlijdt na een ongeval of een (mogelijk) misdrijf, is een niet-natuurlijke dood gestorven. Wettelijk moet de overledene dan gezien worden door een gemeentelijk forensisch arts. Deze beslist of gerechtelijke obductie nodig is of dat het lichaam kan worden vrijgegeven.

Een gerechtelijke obductie vindt plaats als er sprake is van een misdrijf of het vermoeden daarvan. Deze obductie wordt gedaan door een gerechtelijk patholoog. Voor een gerechtelijke obductie is toestemming van de familie NIET vereist.

Als het lichaam wordt vrijgegeven en nabestaanden of de arts willen precies weten wat er gebeurd is, dan kan een obductie plaatsvinden door de patholoog van het ziekenhuis. Hiervoor is WEL altijd toestemming van de nabestaanden nodig.

Soms is obductie in het belang van de volksgezondheid, bijvoorbeeld om te onderzoeken of er sprake is van een zeer besmettelijke ziekte en hoe een epidemie kan worden voorkomen.

Toon meer over niet-natuurlijk overlijden

Obductie bij kinderen

In principe is de procedure bij kinderen hetzelfde als bij volwassenen.

Soms wordt weefsel weggehaald voor genetisch onderzoek. Dit is vooral belangrijk als een kind tijdens de zwangerschap of rond de geboorte is overleden. Er wordt dan onderzocht of een afwijking erfelijk is waardoor er een vergrote kans is op herhaling bij een volgende zwangerschap.

Bij heel kleine kinderen zijn de organen uiteraard ook heel klein. Daarom moet vaker het hele orgaan onderzocht worden in plaats van alleen een stukje weefsel. Er wordt ook eerder voor gekozen om organen te bewaren om ze later beter te kunnen bekijken. Aangeboren afwijkingen bij kinderen zijn namelijk vaak complexer dan afwijkingen bij volwassenen. Er is dan uitgebreider onderzoek nodig.

Toon meer over obductie bij kinderen

Gerelateerde informatie

Printversie van deze pagina (PDF)
Code
PAT 01-AD