Behandelingen & onderzoeken

Stent plaatsen in de luchtwegen

Bij het plaatsen van een stent brengt de longarts tijdens een operatie een kunstof buisje in. Daardoor kan de patiënt gemakkelijker ademhalen.

Tijdens de narcose brengt de longarts via de mond en keel een metalen bronchoscoop (een speciale buis) naar de luchtwegen. Via deze bronchoscoop plaatst de arts de stent in de luchtwegen.

Op deze pagina snel naar

Voorbereiding

Voorbereiding op uw opname (met operatie)

Een goede voorbereiding is voor u en voor ons belangrijk. Op onze webpagina Opname in het ziekenhuis (operatie) leest u hoe u zich op uw opname voorbereidt en krijgt u informatie over de gang van zaken in ons ziekenhuis.

Medicijnen

Gebruikt u ‘s morgens medicijnen? Overleg dan met uw arts wanneer u deze op de dag van de ingreep het best kunt innemen. Vaak kunt u ze het beste later op de dag innemen, na de ingreep. Belangrijke medicijnen, bijvoorbeeld voor uw hart, mag u wel innemen (vóór 09.00 uur met een slokje water).

Bloedverdunners

Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen, zoals Sintrom® of Marcoumar®? Laat dit dan van tevoren aan de arts of verpleegkundige weten. Uw bloed mag niet te ‘dun’ zijn voor deze ingreep. Als u bloedverdunners gebruikt, wordt de ochtend van de behandeling bij u bloed geprikt. Dat is om te bepalen hoe dun uw bloed is.

Zwangerschap

Bent u (mogelijk) zwanger? Laat dit dan zo snel mogelijk aan ons weten.

Overgevoeligheid/allergie

Geef het altijd aan ons door als u overgevoelig of allergisch bent voor jodium, contrastvloeistof, bepaalde medicijnen, pleisters of andere stoffen. 

Eten en drinken (nuchter zijn)

Het is noodzakelijk dat u voor de operatie een bepaalde periode niet eet of drinkt (‘nuchter’ blijft). Dit geldt als u narcose, een ruggenprik of een zenuwblokkade krijgt. Als u niet nuchter bent tijdens de ingreep, is de kans groter dat er tijdens de ingreep eten en drinken uit uw maag in uw longen terechtkomt. Dit kan leiden tot een ernstige longontsteking. Het is dus belangrijk dat u zich aan onderstaande voorschriften houdt. Als u niet nuchter bent, zullen wij er voor uw veiligheid voor kiezen om de operatie niet door te laten gaan.

Houd u aan de onderstaande voorschriften:

  • Tot 6 uren voordat u in het ziekenhuis moet zijn mag u 1 of 2 beschuitjes met jam eten.

Dit betekent dat als u zich bijvoorbeeld om 08.00 uur ’s morgens in het ziekenhuis moet melden, u vanaf 02.00 uur ’s nachts niets meer mag eten. Moet u zich bijvoorbeeld om 14.00 uur ’s middags melden, dan mag u vanaf 08.00 uur ’s morgens niets meer eten.

  • Tot 2 uren voordat u in het ziekenhuis moet zijn mag u heldere vloeistoffen drinken. Dit zijn: water, appelsap en thee ZONDER melk.

Dit betekent dat als u zich bijvoorbeeld om 08.00 uur ’s morgens in het ziekenhuis moet melden, u vanaf 06.00 uur ’s morgens niets meer mag drinken. De afgesproken medicatie mag u wel met een slokje water innemen op de dag van de operatie.

Als u al bent opgenomen in het ziekenhuis en de volgende dag wordt geopereerd, dan zullen de zorgverleners op de afdeling u laten weten vanaf hoe laat u niet meer mag eten en drinken.

Afzeggen

Bent u verhinderd voor de operatie? Laat het ons dan zo snel mogelijk weten.  Neem hiervoor telefonisch contact op met de Voorbereiding Opname.

Behandeling

Melden

U meldt zich op de dag van de ingreep om 09.30 uur op de poli Anesthesiologie. Als u daar klaar bent, meldt u zich bij Voorbereiding Opname. De mensen daar verwijzen u door naar de afdeling, waar u wordt opgewacht door een verpleegkundige.

Naar de operatieafdeling

Wanneer u opgeroepen wordt voor de ingreep, vraagt de verpleegkundige u een blauw ziekenhuispak aan te trekken en uw eventuele gebitsprothese uit te doen. Daarna wordt u in uw bed naar de wachtruimte van de operatieafdeling gebracht.

Operatie

Wanneer u aan de beurt bent, komt de anesthesioloog u ophalen. Een anesthesioloog is een arts die gespecialiseerd is in pijnstilling en het toedienen van narcose. Hij/zij brengt u naar de operatiekamer en vraagt u over te stappen op de behandeltafel. Daar brengt de anesthesioloog een infuus in uw arm in. Via dit infuus krijgt u een narcosemiddel toegediend. U valt bijna direct in slaap.

Speciale buis (bronchoscoop)

Tijdens de narcose brengt de longarts de metalen bronchoscoop (een speciale buis) via uw mond en keel naar uw luchtwegen. Daardoor plaatst de arts de stent in uw luchtwegen. Doordat u slaapt, merkt u hier helemaal niets van. Wanneer de arts klaar is met de behandeling, haalt hij de scoop uit uw lichaam.

Uitslaapkamer

U wordt wakker op de uitslaapkamer. De verpleegkundigen daar controleren regelmatig uw polsslag, ademhaling en bloeddruk. Het infuus zit nog in uw arm en het kan zijn dat er een slangetje in uw neusgaten zit waardoor u wat extra zuurstof krijgt.

De anesthesioloog bezoekt u wanneer u goed wakker bent en controleert of alles in orde is. Als alles goed is gegaan, kunt u terug naar de verpleegafdeling. De verpleegkundige van de afdeling haalt u op.

Verpleegafdeling

Zodra u terug bent op uw kamer, komen röntgenlaboranten bij u langs om met een rijdend röntgenapparaat een longfoto te maken. Zij maken deze foto terwijl u in bed ligt.

De verpleegkundige controleert regelmatig uw bloeddruk, polsslag en het infuus. Ook gaat zij na of u benauwd bent of slijm in uw luchtwegen hebt. Voelt u zich goed en bent u niet misselijk, dan mag u vlak na de ingreep weer wat drinken. Na een paar uur mag u ook pap of vla eten. Het infuus houdt u tot de volgende morgen.

Nazorg

Resultaat behandeling

Uw behandelend arts licht u in over het resultaat van de behandeling en eventuele leefregels die u moet volgen. Ook vertelt hij/zij u wanneer u terug moet komen voor een controleafspraak.

Klachten

Het kan zijn dat u nog enige dagen een geïrriteerd gevoel in uw keel heeft en wat moeilijk slikt. Dit komt door de bronchoscoop en gaat bijna altijd vanzelf over. Misschien hoest u na afloop wat bloederig slijm op of bent u wat benauwd. Dit is normaal en kan geen kwaad. Als u bloed ophoest, is dat meestal niet ernstig. Dit stopt vanzelf. Zeg het altijd tegen uw verpleegkundige als u ergens last van heeft.

Contact opnemen

Heeft u na ontslag dringende vragen? Neem dan gerust contact met ons op.

Tot 24 uur na ontslag

  • Tijdens kantooruren met de poli Longgeneeskunde, T 088 320 14 00.
  • Buiten kantooruren met de Spoedeisende Hulp, T 088 320 33 00.

Na 24 uur na ontslag

  • Tijdens kantooruren met de poli Longgeneeskunde, T 088 320 14 00.
  • Buiten kantooruren met de huisartsenpost in uw regio.

Expertise en ervaring

Het St. Antonius Longcentrum heeft veel ervaring met onderzoek en behandeling van longziekten. Patiënten met klachten en aandoeningen aan het ademhalingssysteem (luchtwegen en longen) kunnen bij ons terecht. Gespecialiseerde longartsen en longverpleegkundigen behandelen uiteenlopende aandoeningen, zoals longfibrose, longontsteking, sarcoïdose, astma, apneu, longkanker, COPD, etc. Jaarlijks vinden er circa 400 longoperaties en 2.000 slaapstudies plaats.

Binnen het Longcentrum zijn er expertisecentra voor diverse zeldzame aandoeningen, zoals het ILD Expertisecentrum en het ROW Expertisecentrum.

Veilige zorg in het ziekenhuis

In het St. Antonius Ziekenhuis staat veiligheid voorop. Onze medewerkers doen er alles aan om uw bezoek aan het ziekenhuis zo goed mogelijk te laten verlopen. Help ons s.v.p. om goed voor u te zorgen door ons te vertellen:  

• Welke medicijnen u gebruikt.
• Of u allergieën heeft.
• Of u (mogelijk) zwanger bent.
• Als u iets niet begrijpt.
• Wat u belangrijk vindt.
• Als u iets ziet wat niet schoon is.
 
Op de website van de Nederlandse Patiëntenfederatie leest u meer tips over hoe u zelf kunt bijdragen aan veilige zorg.

Toon meer over bijdragen aan veilige zorg

Gerelateerde informatie

Code
LON 55-B