Behandelingen & onderzoeken

Vruchtbaarheidsproblemen bij mannen (onderzoeken)

Om te onderzoeken wat de mogelijke oorzaak is van de verminderde vruchtbaarheid bij mannen, wordt een medische vragenlijst (anamnese) doorgenomen. Hierbij wordt ook uw voorgeschiedenis besproken.

Vervolgens wordt in een laboratorium de kwaliteit van uw zaad onderzocht. Zo nodig wordt ook een lichamelijk onderzoek verricht en eventueel vraagt uw arts nog andere, aanvullende onderzoeken aan.

Op deze pagina snel naar

Voorbereiding

Voorbereiding op uw polibezoek

Een goede voorbereiding is voor u en voor ons belangrijk. Ons animatiefilmpje Voorbereiding op uw afspraak bij de polikliniek toont hoe u zich goed voorbereidt op uw afspraak en wat u kunt verwachten van uw afspraak. 

Mijn Antonius-account aanmaken

Mijn Antonius is het beveiligde online patiëntportaal van het St. Antonius. Heeft u nog geen account? Dan is het handig als u er een aanmaakt. Op onze webpagina Mijn Antonius leest en ziet u hoe u dit eenvoudig doet. 

Afzeggen

Bent u verhinderd voor het onderzoek? Laat het ons dan zo snel mogelijk weten. Neem hiervoor telefonisch contact op met de afdeling of polikliniek waar het onderzoek plaatsvindt. 

Onderzoek

Om te verklaren wat de mogelijke oorzaak is van de verminderde vruchtbaarheid, vinden verschillende onderzoeken plaats.

Anamnese

De medische vragenlijst heeft als doel om stoornissen in de spermaproductie op te sporen. De arts kan daarvoor onder andere informeren naar:
• het ingedaald zijn van de zaadballen;
• omgevings- en beroepsfactoren (werken met bestrijdingsmiddelen of zware metalen);
• leefgewoonten;
• doorgemaakte ziekten met koorts;
• doorgemaakte geslachtsziekten;
• doorgemaakte operaties;
• gebruik van alcohol, tabak, drugs of medicijnen;
• het verloop van de geslachtsgemeenschap en bijzonderheden van de zaadlozing;
• mogelijke oorzaken van verhoogde temperatuur van de balzak (strak ondergoed, elektrische dekens, frequente hete baden of saunabezoek);
• het bestaan van mannelijke onvruchtbaarheid in de familie.

Zaadonderzoek

Het zaadonderzoek geeft informatie over de kwaliteit van het zaad. Voorafgaand aan het onderzoek wordt geadviseerd om ongeveer drie dagen geen zaadlozing te hebben. Daarom is het verstandig het zaadonderzoek niet tijdens de vruchtbare periode te plannen.

U kunt het zaad thuis of in het ziekenhuis produceren door middel van masturbatie en opvangen in een door het ziekenhuis meegegeven potje. De meeste ziekenhuizen hebben hier een speciaal kamertje voor. Als u het zaad thuis produceert, moet het binnen twee uur naar het ziekenhuis worden gebracht. Het zaad moet op kamertemperatuur (broekzak) worden vervoerd. Vaak lijkt het of u maar weinig zaad produceert, maar het is voldoende voor het onderzoek.

Het zaad wordt in het laboratorium onder de microscoop onderzocht. Er wordt gelet op de hoeveelheid zaadcellen, de beweeglijkheid en hun vorm. Soms wordt na een paar uur de beweeglijkheid opnieuw beoordeeld. Gemiddeld duurt het 2 tot 3 weken voordat de uitslag bekend is. Deze zinnen eruit halen. De uitslag is na 5 werkdagen bekend. Uw behandelend arts bespreekt de uitslag met u.

Zaadonderzoek is een momentopname. De kwaliteit van het zaad is niet constant. De uitslag kan door ziekte of medicijngebruik beïnvloed worden. Als blijkt dat de kwaliteit van het zaad niet optimaal is, wordt vaak geadviseerd het onderzoek te herhalen.

MAR-test

Tegelijkertijd met het zaadonderzoek kan een MAR-test gedaan worden. Daarbij wordt onderzocht of er antistoffen tegen zaadcellen aanwezig zijn. Doorgaans kijkt men naar twee soorten antistoffen: IgA en IgG. Als deze antistoffen bij een groot percentage zaadcellen voorkomen, is de kans op bevruchting mogelijk kleiner. En zullen we zeer waarschijnlijk een inseminatie-behandeling adviseren.

Lichamelijk onderzoek

De arts let bij het lichamelijk onderzoek op mogelijke afwijkingen van de geslachtsorganen, het beharingspatroon en operatielittekens. Ook kunnen de zaadballen worden onderzocht op mogelijke ontstekingen of een spataderkluwen.

Aanvullende onderzoeken

Deze onderzoeken worden niet routinematig en niet in alle ziekenhuizen gedaan. Uw arts bespreekt met u of een van de aanvullende onderzoeken in uw geval zinvol is.

Hormoononderzoek

Hierbij wordt de concentratie van het follikelstimulerend hormoon (FSH) in het bloed en hoeveelheid LH bepaald. Dit hormoon is van belang bij de spermaproductie. Als er te weinig FSH is kan een hormoonkuur worden overwogen. Te weinig FSH is een zeer zeldzame oorzaak van een tekort aan zaadcellen. Ook de testosteronspiegel in het bloed kan worden bepaald. Het testosterongehalte is een maat voor het functioneren van de testikels.

Echografisch onderzoek van de balzak, de prostaat en zaadblaasjes

Soms wordt er een echo gemaakt, bijvoorbeeld als er bij lichamelijk onderzoek afwijkingen worden gevonden of als een afwijkende kwaliteit van de zaadvloeistof wordt aangetroffen.

Als er een te laag volume van de zaadlozing wordt gevonden bij herhaling dan zal een echo van de prostaat geadviseerd worden.

Onderzoek van chromosomen en genen

Bij zeer ernstige sperma-afwijkingen kan chromosomenonderzoek in het bloed worden verricht; daarbij wordt gelet op de vorm en het aantal chromosomen. Ook DNA- onderzoek van het bloed is mogelijk. Daarbij wordt naar afwijkingen op de genen gekeken. Een voorbeeld van een gen-afwijking is het ontbreken van erfelijk materiaal (DNA) op het Y-chromosoom. Ook is het afwezig zijn van de zaadleiders een reden om DNA- onderzoek te verrichten.

Spataderkluwen

Of een spataderkluwen in de balzak een oorzaak is van verminderde vruchtbaarheid, is onduidelijk. Mogelijk leidt zo’n kluwen tot een hogere temperatuur in de balzak en kan daardoor de kwaliteit van het zaad achteruitgaan. Dit is echter niet altijd het geval, want een spataderkluwen komt ook regelmatig voor bij normaal vruchtbare mannen.

Een spataderkluwen ontstaat doordat een ader het bloed vanuit de balzak niet goed afvoert. Spataderen in de balzak zijn het gevolg. Bij een operatie wordt deze afvoerende ader afgesloten. Daardoor verdwijnen ook de spataderen. Er blijven voldoende aderen over die het bloed wel kunnen afvoeren.

De behandeling kan op twee verschillende manieren gebeuren:
• De ader wordt ‘afgebonden’, zodat het bloed er niet meer doorheen stroomt. Hiervoor wordt onder in de buik een sneetje gemaakt. Ook kan de operatie via een kijkbuisje plaatsvinden. De operatie wordt door de uroloog uitgevoerd. Het is een kleine ingreep.
• Er wordt een spiraaltje in de ader gebracht zodat er geen bloed meer doorheen kan stromen. De ingreep gebeurt onder plaatselijke verdoving door de radioloog en is weinig belastend. U kunt direct na afloop weer naar huis.

Of een operatie verstandig is zal uw arts met u bespreken. Soms wordt wel een verbetering van de spermakwaliteit gezien, maar dat is niet altijd het geval. Een grotere kans op een natuurlijke bevruchting is tot nu toe niet overtuigend aangetoond, maar kan ook niet uitgesloten worden. Bij de beslissing zal ook van belang zijn of er bij u of uw partner andere factoren aanwezig zijn die het zwanger-worden in de weg staan, of dat dit de enige gevonden afwijking is. Ook speelt de vraag mee hoever u en uw partner willen gaan met andere behandelmogelijkheden zoals IUI, IVF, ICSI of KID.

Expertise en ervaring

Specialistisch team

De gynaecologen van het St. Antonius Ziekenhuis hebben ieder hun eigen aandachtsgebied en werken met gespecialiseerde verpleegkundigen, fertiliteitsartsen en verloskundigen. Zij werken nauw samen met andere specialisten in het ziekenhuis om u de zorg te bieden die u nodig heeft. Ook werken ze met de nieuwste behandelmethoden en volgen zij de recente ontwikkelingen op hun vakgebied.

Aandachtsgebieden

Het specialisme Gynaecologie van het St. Antonius Ziekenhuis heeft bijzondere expertise op het gebied van bekkenbodemaandoeningen, vruchtbaarheid, geboortezorg, gynaecologische kanker, seksuologie en algemene gynaecologische aandoeningen (waaronder vulva-aandoeningen, menstruatieklachten, endometriose, menopauze en anticonceptie).

Persoonlijk en betrokken
Wij vinden het belangrijk dat u zich op uw gemak voelt. Daarom proberen we uw afspraken zoveel mogelijk bij een vaste behandelaar in te plannen. Een behandelplan stellen wij graag samen met u op maat samen.

Meer informatie

Gerelateerde informatie

Code
Gyn 310-O