Wetenschappelijk onderzoek Vaatchirurgie

Het St. Antonius Ziekenhuis werkt met een groot team van technisch-medische onderzoekers, vaatchirurgen en interventieradiologen aan nieuwe methoden voor het verbeteren van de beeldvorming en de diagnose bij endovasculaire behandelingen. Bij een endovasculaire behandeling wordt een probleem aan een bloedvat verholpen door de ader of slagader aan te prikken in plaats van vrij te leggen.

Het specialisme Vaatchirurgie doet wetenschappelijk onderzoek naar de plaatsing van een kunststof bloedvat (endoprothese) bij patiënten met een verwijde buikslagader (aneurysma aorta abdominalis) en bij dotterbehandelingen. Hierbij wordt veel gebruik gemaakt van de nieuwste beeldvormingstechnieken. Bij vaatproblemen is goede beeldvorming namelijk nodig om te bepalen welke procedure of behandeling geschikt is voor een patiënt. De specialisten kunnen dankzij goede beeldvorming bepalen hoe de patiënt zo optimaal mogelijk kan worden behandeld.

Tijdens een vaatbehandeling wordt beeldvorming gebruikt voor het navigeren door de bloedvaten. Na de behandeling is een goede follow-up erg belangrijk om eventuele complicaties al in een vroeg stadium te herkennen en deze effectief te behandelen. Ultieme doel van het onderzoek is om toekomstige problemen na endoprothese te minimaliseren.

Samenwerking

De Vaatchirurgie in het St. Antonius Ziekenhuis werkt voor wetenschappelijk onderzoek nauw samen met Universiteit Twente en TU Eindhoven. Ook werken wij samen met het Rijnstate Ziekenhuis in Arnhem en met een aantal leveranciers van medische hulpmiddelen.

Dankzij wetenschappelijk onderzoek is het continu optimaliseren van de diagnostiek mogelijk door de ontwikkeling en verbetering van techniek.

  • Resultaten onderzoek

    In de afgelopen jaren zijn verschillende methoden ontwikkeld waarmee we in een vroeg stadium complicaties kunnen herkennen na een endovasculaire behandeling van een aorta-aneurysma in de buik (abdominale aneurysma). Deze methoden zijn geldig verklaard en worden op dit moment toegepast om patiënten met complicaties effectief op te volgen en in een vroeg stadium te behandelen.

    Ook verkrijgen we steeds meer inzicht in de factoren die complicaties bij de behandeling van de abdominale aorta voorspellen. Hierbij kunt u denken aan anatomische eigenschappen van de aorta, fysische eigenschappen van trombus en flowprofielen in de abdominale aorta. Deze kennis wordt gebruikt bij het selecteren van de beste behandeling voor een patient met een abdominaal aorta-aneurysma. We gebruiken de kennis die we tijdens dit onderzoek opdoen voor het selecteren van de beste behandelmethode voor een patiënt met een aorta aneurysma in de buik (abdominaal aorta aneurysma).

    Ten slotte is dankzij onderzoek een model gevalideerd waarmee we kunnen bepalen welke vernauwing behandeld moet worden  tijdens een dotterbehandeling van de bekken- en beenslagaders om de weefselperfusie te verbeteren. Weefselperfusie is een maat voor de hoeveelheid bloed dat door de haarvaten in de weefsels stroomt.

  • Onderzoeksgebieden

    • Verbeteren van de korte- en lange termijn resultaten na een endovasculaire behandeling van het aorta abdominalis aneurysma (EVAR).
    • Optimalisatie van diagnose en interventieplanning bij vernauwde bekken- en beenslagaders.

  • Onderzoekslijnen

    Het onderzoek bij de Vaatchirurgie wordt uitgevoerd onder supervisie van dr. JPPM de Vries. Daarnaast is er nauwe samenwerking met interventieradioloog drs. DAF van den Heuvel. Hieronder vindt u een overzicht van de onderzoekers en de onderzoekslijnen waarvoor zij verantwoordelijk zijn.

    Endovasculaire aorta repair/sealing (EVAR/EVAS)

    • Positie en appositie van de endograft in de aorta na EVAR voor het vroegtijdig voorspellen van complicaties en optimale follow-up.
      Richte Schuurmann
       
    • In vitro en klinische validatie van EVAS. Onderzoek naar verschillende nieuwe features van de EVAS procedure en het stent design.
      Jorrit Boersen
       
    • 1. Flowprofiel bij experimentele nieuwe behandelmethode van het abdominaal aorta aneurysma. Het optimaliseren van het design van deze prothese.
      2. Wat is de optimale chimney-EVAR/EVAS configuratie. Analyse op basis van het dynamisch gedrag van verschillende configuraties.
      Simon Overeem
       
    • 1. Fysische eigenschappen en beeldvorming van trombus in de abdominale aorta voor optimale selectie van patiënten voor EVAR/EVAS.
      2. Gebruik van EndoAnchors voor extra fixatie tijdens EVAR; welke factoren bepalen succesvolle plaatsing met betrekking tot het al dan niet aanhouden van complicaties.
      Kim van Noort
       
    • Stent displacement bij EVAS; hoe optimaliseren we de follow-up bij deze behandeling.
      Ruben van Veen

    Dotterbehandeling

    • Computermodel voor het voorspellen van drukverval bij dotterbehandeling. Een non-invasieve methode om te bepalen welke vernauwing moet worden behandeld.
      Stefan Heinen
       
    • 3D image fusie technologie voor reductie van contrastmiddel, proceduretijd en straling bij de dotterbehandeling.
      Seline Goudeketting
       
    • Weefselperfusie tijdens en na dotterbehandeling; heeft het behandelen van een laesie het gewenste effect?
      Elyse Bus