Meer patiënten helpen met hetzelfde aantal verpleegkundigen

Het St. Antonius Ziekenhuis kan op de verpleegafdelingen meer patiënten helpen met hetzelfde aantal verpleegkundigen. Dat blijkt uit de ervaring met een nieuwe manier van werken die een jaar geleden op alle verpleegafdelingen is ingevoerd. Patiënten doen meer zelf, naasten helpen vaker mee en digitale middelen ondersteunen patiënten en zorgverleners. De kwaliteit van zorg en het werkplezier blijven daarbij behouden.
Steeds meer mensen hebben zorg nodig, terwijl het aantal zorgprofessionals niet even snel groeit. Daarom zoekt het St. Antonius naar manieren om de zorg toegankelijk te houden. Deze aanpak is daar een voorbeeld van.
“De vraag is niet óf we moeten veranderen, maar hoe we ervoor zorgen dat we ook over tien of vijftien jaar goede zorg kunnen blijven bieden”, zegt Gerbrecht van der Meulen, voorheen verpleegkundige en nu projectleider van de nieuwe werkwijze. “We kijken hoe we de zorg zo kunnen organiseren, dat verpleegkundigen hun tijd kunnen besteden aan de zorg waarvoor zij echt nodig zijn.”
Patiënten en naasten zorgen vaker mee
Na een jaar zijn duidelijke resultaten te zien. Bij bijna driekwart van de opnames op reguliere verpleegafdelingen bespreken verpleegkundigen welke zorgtaken patiënten zelf kunnen doen en waarbij naasten kunnen helpen. Een jaar geleden gebeurde dat bij 26 procent van de opnames.
Het kan bijvoorbeeld gaan om zelf wassen en aankleden, uit bed komen of eten en drinken pakken. Naasten kunnen helpen bij de persoonlijke verzorging, het bed opmaken of het bewegen. Wat iemand zelf kan doen of een naaste kan overnemen, verschilt per patiënt en is altijd vrijwillig. Op de telefoon of tablet kunnen patiënten daarnaast via Mijn Opname, onderdeel van Mijn Antonius, zelf informatie over hun opname en behandeling bekijken.
“We zien dat patiënten graag meedenken en dingen zelf doen als dat bij hun situatie past. Ook naasten willen vaak graag helpen. Zo krijgen patiënten meer regie en worden naasten meer betrokken bij de zorg”, vertelt Melanie Oostrom, ook projectleider van deze werkwijze. Net als Gerbrecht van der Meulen werkte zij hiervoor als verpleegkundige.
Van vier naar vijf patiënten per verpleegkundige
Door anders te werken, kunnen verpleegkundigen hun tijd anders verdelen. Hierdoor kan een verpleegkundige meer patiënten helpen. Daarom gaat het St. Antonius vanaf 1 januari 2027 op reguliere verpleegafdelingen toe naar gemiddeld vijf patiënten per verpleegkundige in de dagdienst. Voorheen waren dat er vier.
Afdelingen krijgen de tijd en ruimte om de verandering vorm te geven op een manier die past bij hun patiënten en zorg. Oostrom: “De patiënten en de zorg zijn niet op iedere afdeling hetzelfde. Sommige afdelingen werken al met vijf patiënten per verpleegkundige, terwijl andere meer tijd nodig hebben. Afdelingen kunnen bij deze verandering ondersteuning krijgen van verandercoaches, als zij daar behoefte aan hebben. Deze verpleegkundigen helpen teams om de verandering vorm te geven op een manier die past bij hun afdeling.”
Kwaliteit blijft overeind
Verpleegkundigen, artsen en andere zorgverleners beoordelen de kwaliteit van zorg even hoog als een jaar geleden. Ook patiënten en naasten zijn positief. Zij waarderen vooral de betrokkenheid van naasten en het overzicht dat Mijn Opname geeft. “Dat is positief. Meer patiënten kunnen helpen is alleen winst als we goede zorg blijven bieden én verpleegkundigen hun werk met plezier kunnen blijven doen”, vertelt Oostrom.
Ook de ruimere bezoektijden worden gewaardeerd. Patiënten ervaren de aanwezigheid van naasten als steun tijdens hun herstel en naasten voelen zich meer betrokken bij de zorg.
Ook andere ziekenhuizen aan de slag
Ook andere ziekenhuizen hebben interesse in de aanpak. Daarom start in 2027 een programma waarin projectleiders van het St. Antonius hen helpen om deze manier van werken in te voeren. “De kracht is dat we niet één ding veranderen, maar de zorg samen anders organiseren”, zegt van der Meulen. “Dat andere ziekenhuizen hier ook mee aan de slag willen, laat zien dat deze aanpak breder kan helpen om de zorg toegankelijk te houden.”