Aandoeningen

Lui oog

Een lui oog (amblyoop oog) is een oog waarbij het vermogen om te zien is achtergebleven in de ontwikkeling. Het beeld dat in het oog binnenkomt wordt onderdrukt door de hersenen.

Een lui oog komt gemiddeld bij 3,2% van de bevolking voor. Erfelijkheid kan een rol spelen, net als vroeggeboorte. Een lui oog ontstaat op jonge leeftijd.

Hoe eerder de behandeling gestart wordt, des te beter.

Op deze pagina snel naar

Meer over oorzaken lui oog

Een lui oog kan veroorzaakt worden door verschillende factoren:

  • Scheelzien (strabismus)

Omdat het ‘niet dominante’ oog scheel kijkt, geeft deze zijn beeldsignalen niet goed door naar de hersenen, waardoor de hersenen dit oog uitschakelen en het beeld daardoor onderdrukt wordt. Dit zorgt ervoor dat het zien van het oog niet verder ontwikkelt.

  • Brilafwijking (refractie afwijking)

Doordat de brilafwijking van één oog hoger is dan het andere oog, is het beeld van het oog met de hoogste afwijking slechter, waardoor dit niet goed kan ontwikkelen. Hierdoor gaan de hersenen een dominantie ontwikkelen voor het beter ziende oog, en wordt het slechter ziende oog een lui oog. Het kan voorkomen dat beide ogen zo’n hoge sterkte hebben dat ze beide het zien niet goed kunnen ontwikkelen. Dan spreekt men van een dubbel lui oog, oftewel een bilaterale amblyopie.

  • Organische afwijking (bijvoorbeeld aangeboren staar of een hangend bovenooglid)

De oogafwijking belemmert het zicht van 1 of beide ogen, waardoor de ogen het zicht niet goed ontwikkelen omdat de beeldsignalen naar de hersenen niet goed worden doorgegeven.

  • Combinatie van bovenstaande punten

Een lui oog ontstaat dus als er, op jonge leeftijd, door één van de bovenstaande oorzaken de prikkel tot ontwikkelen van de gezichtsscherpte verdwijnt. De hersenen zullen het luie oog steeds minder gaan gebruiken, waardoor dat oog langzaam maar zeker inactief wordt. Belangrijk is dan ook om zo snel mogelijk met de behandeling te starten. Na een bepaalde leeftijd is de gezichtsscherpte niet meer te verbeteren, omdat deze visuele ontwikkeling dan is afgerond. Afhankelijk van de oorzaak is dat tussen het 8ste en 12de levensjaar.

Toon meer

Behandelingen

Mogelijke behandelmethoden

  • Voorschrijven van een bril (indien mogelijk/nodig)

Hierdoor wordt het beeld goed geprojecteerd op het netvlies van het luie oog, waardoor het oog scherper ziet en de hersenen het oog beter leren en gaan gebruiken.

  • Afplakken (occlusie) van het goede oog met een oogpleister gedurende een aantal uren per dag of per week

Hierdoor worden de hersenen getraind en gestimuleerd om de visuele prikkels van het luie oog goed op te nemen en te verwerken, waardoor het luie oog beter leert zien.

  • Indruppelen van het goede oog met pupil verwijdende druppels (Atropine)

Hierdoor ziet het goede oog tijdelijk wazig en moet het luie oog op dat moment gebruikt worden om te kunnen zien. Niet elke vorm van een lui oog is geschikt voor deze behandeling.

  • Een doffe/wazige occlusie folie op het brillenglas van het goede oog

Hierdoor ziet het goede oog wazig en moet het luie oog op dat moment gebruikt worden om te kunnen zien. Niet elke vorm van een lui oog is geschikt voor deze behandeling.

  • Bij organische afwijkingen moet in sommige gevallen de oorzaak eerst behandeld worden

Voorbeelden hier van zijn:

  • Bij staar, indien nodig, een staaroperatie.
  • Bij een hangend ooglid een eventuele operatieve correctie hiervan.
  • Als er sprake is van een hoornvliesafwijking, indien nodig, een contactlens voor de hoornvliesafwijking.

• Een combinatie van bovenstaande behandelmethoden

Let op: de behandeling is bedoeld om de gezichtsscherpte (visus) van het luie oog te verbeteren. De behandeling heeft géén invloed op de brilafwijking (refractie) van de ogen en verbetert ook de oogstand (strabismus) niet.

Keuze van behandeling

De keuze van behandeling is afhankelijk van verschillende factoren. Deze zijn: de gezichtsscherpte, de oogstand, de samenwerking tussen de ogen, de brilafwijking, de leeftijd van het kind, de oorzaak van het luie oog, het effect van de behandeling, de te verwachten complicaties, de medische voorgeschiedenis, therapietrouw en eventuele huidproblematiek. De orthoptist geeft u en uw kind een passend advies.

Controle bij de orthoptist

Tijdens de afspraken bij de orthoptist wordt gekeken naar bovengenoemde factoren. Afhankelijk van de bevindingen stelt de orthoptist de behandeling bij of wordt een andere behandelmethode gekozen. Als de maximale gezichtsscherpte is bereikt, wordt de behandeling afgebouwd.

Duur van de behandeling

De duur van de behandeling is afhankelijk van dezelfde factoren die genoemd zijn bij de keuze van behandeling. Behandeling van een lui oog kan enkele maanden tot wel enkele jaren duren. Dit heeft te maken met het feit dat het enige tijd kan duren voor de maximale gezichtsscherpte is bereikt. Daarnaast neemt het afbouwen soms ook een lange tijd in beslag. Vooral omdat de ontwikkeling van het zien op kinderleeftijd langdurig beïnvloedbaar is.

Medicijngebruik

Neem altijd uw actueel medicatieoverzicht mee. Dit overzicht kunt u krijgen bij uw apotheek. Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen, meld dit altijd vooraf aan uw arts.

Kosten

In Nederland worden de meeste ziekenhuisbehandelingen rechtstreeks met de zorgverzekeraar afgehandeld. Niet alle ingrepen en behandelingen vallen onder het basispakket en daarbij heeft u een eigen risico.

  • Informeer altijd vooraf bij uw zorgverzekeraar of u voor een (volledige) vergoeding van uw behandeling in ons ziekenhuis in aanmerking komt.
  • Bent u onverzekerd dan krijgt u zelf de rekening van uw behandeling toegestuurd.
  • Voor de vergoeding van ziekenhuiszorg heeft u altijd een verwijzing nodig van uw huisarts of andere specialist.
  • Neem altijd uw legitimatiebewijs (paspoort, identiteitskaart of rijbewijs) en uw verzekeringspas mee bij een bezoek aan het ziekenhuis.

Meer informatie vindt u op onze webpagina 'Kosten en zorgverzekering'.

Meer informatie

Als u nog vragen heeft, stelt u deze dan aan uw orthoptist. Voor dringende vragen belt u: Poli Oogheelkunde, T 088 320 22 00.

Gerelateerde informatie

Printversie van deze pagina (PDF)
Code
OOG 04-A