Behandelingen & onderzoeken

Kleincellige longkanker - radiotherapie en chemotherapie

Kleincellige longkanker wordt over algemeen ingedeeld in 'beperkt' of 'uitgebreid'. De behandeling van kleincellige longkanker is anders dan bij niet-kleincellige longkanker. De meeste patiënten krijgen geen operatie, maar een behandeling die bestaat uit bestraling en chemotherapie.

Voor patiënten met een kleincellige longtumor bij wie de ziekte beperkt is gebleven tot één helft van de borstkas, bestaat de behandeling uit chemotherapie en bestraling.

Chemotherapie is een behandeling met medicijnen die kankercellen doden of de groei ervan remmen (cytostatica). Chemotherapie kan bestaan uit een of meerdere cytostatica. Nadat deze cytostatica zijn toegediend, volgt een rustperiode, die uit enkele dagen of weken kan bestaan. Zo'n periode van toediening en rust noemen we een kuur. Over het algemeen schrijft uw arts u meerdere kuren voor.

Op deze pagina snel naar

Meer over kleincellige longkanker - radiotherapie en chemotherapie

U krijgt samen met of na een intensieve behandeling met chemotherapie, een bestraling van de borstkas.

De bestraling heeft tot doel om achtergebleven kankercellen te vernietigen en is gericht op genezing (curatief). Meestal worden - nadat de chemo- en radiotherapie is afgerond - ook de hersenen preventief bestraald.

Gelijktijdig toedienen van chemotherapie en radiotherapie heeft bij een kleincellige longtumor meer effect dan bestralen nadat de chemotherapie is afgerond. Wel kan gelijktijdige toediening meer bijwerkingen veroorzaken (voornamelijk van de slokdarm). Deze behandeling wordt daarom vooral gegeven aan mensen met een redelijk goede conditie.

Als sprake is van uitgebreide kleincellige longkanker dan bestaat de behandeling uit chemotherapie met eventueel preventieve hersenbestraling daarna. Deze behandeling is levensverlengend (palliatief).

Toon meer

Expertise en ervaring

Meer informatie

Websites

Relevante websites over longkanker: 

Code
LON 73-OD-B-4