Behandelingen & onderzoeken

Blindedarmoperatie (appendectomie)

Als de diagnose acute blindedarmontsteking (appendicitis acuta) is gesteld, is een operatie de beste behandeling. Hiermee wordt voorkomen dat de blindedarmontsteking doorbreekt (perforeert) en een buikvliesontsteking ontstaat.

Bij deze operatie wordt de blindedarm opgezocht, vrijgemaakt en verwijderd. Als  de diagnose appendiculair infiltraat is gesteld vindt geen operatie plaats.

Op deze pagina snel naar

Meer over blindedarmoperatie

Een blindedarmoperatie wordt uitgevoerd via een kijkoperatie (laparoscopische appendectomie) of via een klassieke ‘open’ operatie. Welke methode gebruikt wordt, hangt af van verschillende factoren zoals:

  • De ernst van de ontsteking.
  • De kans dat de pijnklachten toch een andere oorzaak hebben die opgespoord en behandeld moet worden.
  • De persoonlijke gezondheidssituatie van de patiënt.
  • De voorkeur van de arts.

De chirurg bespreekt met de patiënt welke methode het meest geschikt is.

Voorbereiding

Overgevoeligheid/allergie

Geef het altijd aan ons door als u overgevoelig of allergisch bent voor bepaalde medicijnen of andere stoffen, bijvoorbeeld voor jodium of pleisters.

Gebruik bloedverdunnende medicijnen

Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt dan moet u hier, in overleg met uw arts, voor de ingreep soms tijdelijk mee stoppen. Uw arts geeft aan hoelang van tevoren u met de medicijnen moet stoppen. Voor de ingreep controleren we uw bloed. Is uw bloed dan nog te dun, dan kan de ingreep niet doorgaan en plannen we met u een nieuwe afspraak.

Voorbereiding opname

Wat neemt u mee?
U wordt in principe opgenomen op de dag van de operatie en verblijft een nacht in het ziekenhuis. Lees meer informatie over uw opname op de pagina voorbereiding opname.  Hier staat onder andere welke spullen u nodig heeft in het ziekenhuis.

Make-up
Zorg ervoor dat u geen make-up draagt (ook geen nagellak).

Pijnstilling
U krijgt vooraf vaak alvast pijnstilling in de vorm van paracetamol.

Eten en drinken (nuchter zijn)

De operatie gebeurt onder algehele narcose. U moet daarom voor de operatie nuchter zijn. Dat wil zeggen: u mag een aantal uren voor de operatie niet meer eten of drinken.

Behandeling

Kijkoperatie

Wanneer het technisch mogelijk is, kan de chirurg de ontstoken appendix verwijderen tijdens een kijkoperatie/diagnostische laparoscopie. Het uitvoeren van deze techniek is moeilijker als er verklevingen zijn door voorgaande buikoperaties.

Kleine sneetjes

De chirurg maakt een sneetje onder de navel en nog twee kleine hulpsneetjes onderaan de buik. Door de kleine sneetjes schuift de arts meerdere tangetjes naar binnen. De buik wordt flink opgeblazen met lucht. De lucht wordt via een buisje in de buik geblazen.

Weghalen blindedarm

De blindedarm (appendix) zit vast onderaan het begin van de dikke darm (coecum). De chirurg pakt de blindedarm op met een paktang. Met een tweede tang verwijdert de arts het omgevende vetweefsel. Vervolgens plaatst de chirurg enkele lasso-hechtingen aan de basis en snijdt hier tussendoor de appendix af. De arts kan hiervoor ook een endo-stapler gebruiken. Dit is een apparaat waarmee de arts de appendix dichtniet en vervolgens afsnijdt.

Weefselonderzoek

De chirurg brengt de appendix vervolgens via een holle buis in de derde snee in de onderbuik naar buiten. De ontstoken blindedarm wordt daarna voor weefselonderzoek opgestuurd naar het weefsellaboratorium. In zeldzame gevallen bevat het weefsel een gezwel.

Klassieke (open) operatie

Wanneer een klassieke operatie?

De redenen voor een operatie waarbij een snede in de rechteronderbuik wordt gemaakt zijn verschillend. De chirurg kan hier bijvoorbeeld voor kiezen omdat de patiënt voorgaande buikoperaties heeft ondergaan, of omdat het technisch lastig is de blindedarm met een kijkoperatie veilig te verwijderen. Ook de matige conditie van een patiënt kan een reden zijn.

De ingreep

De grootte van de snede varieert van 3 tot 10 cm of meer. Dit is afhankelijk van de dikte van de buikwand en de positie van de blindedarm ten opzichte van de bodem van de dikke darm. De chirurg haalt de ontstoken appendix die nog vast zit aan de bodem van de dikke darm  door de snede in de buikwand naar buiten. Na het afknopen aan de basis snijdt de arts de blindedarm af.  Het overgebleven stompje wordt met een extra hechting ingestulpt in de bodem van de dikke darm. Dit wordt gedaan om lekkage te voorkomen.

Als de appendix erg ontstoken is, kan de huid van de operatiewond worden opengelaten om na de operatie een wondabces te voorkomen. De open wond geneest meestal binnen 2 à 3 weken en laat een klein littekenstreepje achter.

Behandeling van appendiculair infiltraat

Wanneer de ontsteking al enkele dagen bestaat, ontstaat er een appendiculair infiltraat. De ontstoken appendix is dan afgedekt door verkleefd buikvet en darmlissen. Dit is een natuurlijke reactie van het lichaam op de ontsteking. Bij het onderzoek is dit infiltraat soms in de rechteronderbuik te voelen.

De behandeling van een appendiculair infiltraat is conservatief, dat wil zeggen met tijd en rust en met daarbij eventueel antibiotica. We onderzoeken de bloedbezinking en bepalen regelmatig het aantal witte bloedcellen en ook wordt de buik op verschillende tijdstippen onderzocht om zo vast stellen of de genezing vordert. Na genezing is het meestal niet meer nodig de blindedarm operatief te verwijderen (een appendectomie uit te voeren) .

Na de operatie

Infuus

Na de operatie heeft u een infuus voor vocht en medicijnen.

Voeding

De darmbewegingen komen langzaam weer op gang en uw voeding wordt geleidelijk uitgebreid.

Naar huis

Als alles goed verloopt, kunt u na 1 dag alweer naar huis. Bij een geperforeerde appendicitis zult u (ongeveer) 4 dagen in het ziekenhuis blijven.

Hechtingen

De wondjes (of wond) zijn meestal met oplosbare hechtingen gesloten, als dat niet zo is dan moeten de hechtingen na ongeveer een week worden verwijderd. Bij een acute ontsteking met veel vocht of pus in de buik laten we de huidwond soms open. De wondgenezing duurt dan in het  algemeen iets langer. Thuis spoelt u de wond onder de douche uit (niet met zeep wassen).

Nazorg

Weer thuis

Het herstel thuis duurt nog een paar dagen tot enkele weken. Dit hangt af van hoe ernstig de ontsteking is geweest.

  • U kunt gewoon douchen (geen zeep).
  • Heeft u een open wond? Spoel deze dan uit met water.
  • Zijn de operatiewondjes gesloten maar lekt er wat vocht uit? Vervang de pleisters dan zo vaak als nodig is, maar tenminste 1x per dag.

Complicaties

Bij elke ingreep bestaat de kans op complicaties. Hoe ernstiger de ontsteking, hoe groter de kans op complicaties. Mogelijke complicaties zijn:

  • Wondinfectie;
  • Nabloeding;
  • Vertraagd op gang komen van de darmbewegingen;
  • Ontstaan van een abces in de buik.

De complicaties kunnen goed behandeld worden, bijvoorbeeld met antibiotica of door de huidwond te openen om pus weg te laten lopen. Indien zich in de buik een abces heeft gevormd dan kan dit meestal onder plaatselijke verdoving met een drain worden ontlast.  

Enkele weken na ontslag uit het ziekenhuis kan kort een krampende pijn optreden. Dit wordt soms veroorzaakt door verklevingen in de buik waardoor de darmbewegingen kunnen toenemen. Als dit hevige pijn geeft moet u meteen uw huisarts waarschuwen.

Contact opnemen

Heeft u na de behandeling problemen of dringende vragen? Neem dan gerust contact met ons op. Op werkdagen van 09.00 tot 16.30 uur belt u naar Chirurgie. Buiten werktijden: belt u de huisartsenpost.

Neem in de volgende gevallen sowieso contact met ons op:

  • Aanhoudende, toenemende pijn.
  • Een vieze of niet goed genezende wond.
  • Koorts (een lichaamstemperatuur van meer dan 38,5).

Expertise en ervaring

De chirurgen van het St. Antonius voeren jaarlijks ruim 500 blindedarmoperaties uit door middel van een kijkoperatie. Daarnaast passen we deze techniek zo'n 1.000 keer per jaar toe bij andere operaties in de buik. Onze chirurgen behoren daarmee in ons land tot de meest ervaren specialisten op dit gebied. Dezer ervaring zien we terug in het geringe aantal complicaties: deze komen bij ons erg weinig voor.

Code
CHI 66-B