Een coloscopie is een onderzoek waarbij we met een speciale kijkbuis (endoscoop) de dikke darm bekijken om afwijkingen op te sporen zoals poliepen, zweertjes, ontstekingen, gezwellen of vernauwingen. Dit onderzoek heet een ‘coloscopie’ vanwege de Latijnse naam van de dikke darm (colon).

Soms is onderzoek van het onderste deel van de dikke darm (het sigmoïd) voldoende. Dan wordt het onderzoek ’sigmoïdoscopie’ genoemd.

Op deze pagina snel naar

Meer over coloscopie

Een coloscopie wordt uitgevoerd door een endocopist. Dit kan een maag-darm-leverarts zijn, een arts in opleiding tot maag-darm-leverarts, een internist-gastroenteroloog of een gespecialiseerd verpleegkundige.

Zowel bij een coloscopie als bij een sigmoïdoscopie bekijkt de endoscopist de dikke darm met behulp van een dunne, flexibele slang die via de anus wordt ingebracht. Via een camera worden beelden van de binnenkant van de dikke darm op een beeldscherm getoond.

Tijdens het onderzoek kan de endoscopist stukjes weefsel afnemen voor onderzoek en/of een behandeling uitvoeren, zoals het verwijderen van een poliep.

Voorbereiding

Eten, drinken en laxeren

Uw darmen moeten leeg zijn voor het onderzoek. Hiervoor krijgt u een laxeermiddel voorgeschreven. De instructies hiervoor hebben wij per soort laxeermiddel apart beschreven.

Ook is het nodig om vanaf 1 week voor het onderzoek een aangepast dieet te volgen. Het is belangrijk dat u ook deze informatie leest en opvolgt, anders kan het onderzoek niet doorgaan.

Medicijnen

  • Moet u medicijnen innemen? Doe dit dan niet tijdens het drinken van het laxeermiddel. U kunt uw medicijnen wel 1 uur voor of na het drinken van laxeermiddel innemen.
  • Voor bloedverdunners en ijzertabbletten gelden andere afspraken, deze kunt u hieronder terugvinden.

Bloedverdunners

Of bloedverdunners gestaakt dienen te worden voorafgaand aan het onderzoek verschilt per patiënt. Uw arts bespreekt met u of u de bloedverdunners enkele dagen voor het onderzoek moet stoppen. Uw arts overlegt daavoor eventueel met de maag-darm-leverarts.

Heeft u geen instructies gehad van uw arts? Neem dan uiterlijk 7 dagen voor het onderzoek contact op met de arts die het onderzoek voor u heeft aangevraagd.

Meld uw medicijngebruik ook bij de arts die het onderzoek uitvoert.

Bekende bloedverdunnende middelen zijn acenocoumarol (Sintrom®), fenprocoumon (Marcoumar®), clopidogrel (o.a. Plavix® en Grepid®), ), rivaroxaban (Xarelto®), dabigratan (Pradaxa®), apixaban (Eliquis®), ticagrelor (o.a. Brilique® en Possia®), dypiridamol (Persantin®), carbasalaatcalcium (Ascal®) en acetylsalicylzuur.

Ijzertabletten

Een week voor het onderzoek moet u stoppen met het gebruik van ijzertabletten (ferrosulfaat (Fero-Gradumet®) of ferrofumaraat). Deze middelen geven de darm een zwarte kleur, waardoor de afbeeldingen onduidelijk worden. Na het onderzoek kunt u ze weer gebruiken.

Diabetesmedicatie

Als u diabetespatiënt bent, moeten uw medicijnen mogelijk aangepast worden tijdens de voorbereiding van het onderzoek. Misschien kunt u uw medicijnen later nemen of overslaan. Overleg hierover met de arts die het onderzoek voor u heeft aangevraagd, met uw internist of met uw huisarts.

Kleding

  • Draag gemakkelijk zittende kleding, die u gemakkelijk aan- en uit kunt trekken.
  • Als uw onderzoek langer duurt, kan het fijn zijn om ook warme sokken mee te nemen
  • Neem een reserve setje kleding mee.

Menstruatie

Menstruatie is geen probleem bij de scopie.

Anticonceptie

Gebruikt u de anticonceptiepil (de pil) dan kunt u deze gewoon blijven innemen. Echter, houd er rekening mee dat u door de darmreiniging niet meer goed bent beschermd. In principe bent u pas weer goed beschermd nadat u met de volgende strip bent begonnen. Lees de bijsluiter van de eigen anticonceptiepil voor de precieze termijn.

Zwangerschap

Bent u (mogelijk) zwanger? Laat dit dan zo snel mogelijk aan ons weten.

Begeleider en vervoer

Als u bij dit onderzoek een ‘roesje’ heeft gekregen, dan mag u na het onderzoek niet zelf naar huis rijden of anders deelnemen aan het verkeer. Het is daarom noodzakelijk dat u vooraf regelt dat iemand u naar huis brengt na het onderzoek.

Het is altijd prettig als er iemand met u mee komt. Deze begeleider kan in het ziekenhuis op u wachten. Zijn/haar aanwezigheid is belangrijk omdat:

  • het prettiger voor u is als u na uw behandeling een vertrouwd gezicht ziet;
  • hij/zij kan meeluisteren naar de informatie die u na het onderzoek krijgt, zodat u deze thuis nog eens kunt bespreken.

Mijn Antonius-account aanmaken

Mijn Antonius is het beveiligde online patiëntportaal van het St. Antonius. Heeft u nog geen account? Dan is het handig als u er een aanmaakt. Op onze webpagina Mijn Antonius leest en ziet u hoe u dit eenvoudig doet. 

Afzeggen

Bent u verhinderd voor het onderzoek? Laat het ons dan zo spoedig mogelijk weten, maar in ieder geval minstens 24 uur van te voren. Er kan dan iemand anders in uw plaats worden geholpen.

Onderzoek

Sedatie (roesje)

Het onderzoek gebeurt onder sedatie ('roesje' of propofol-sedatie). Er is met u afgesproken welke sedatie u krijgt. Meer hierover kunt u lezen op onze webpagina's:

Lees deze informatie goed door.

Vlak voor het onderzoek

  • 15 minuten voor het afgesproken tijdstip meldt u zich bij de balie van de afdeling Endoscopie.
  • Een verpleegkundige of gastvrouw/heer haalt u op en begeleidt u naar uw bed op de Dagbehandeling.
  • U krijgt een infuus (een dun buisje in een bloedvat), meestal in uw arm. Door dit infuus kan de arts of verpleegkundige u medicijnen geven.

Het onderzoek zelf

  • Wij brengen u in uw bed naar de behandelkamer.
  • Bij het onderzoek gaat u op uw linkerzij op de onderzoektafel liggen, met opgetrokken knieën en ontbloot onderlichaam.
  • U krijgt via het infuusnaaldje een slaapmiddel en eventueel een pijnstiller of andere medicatie toegediend. 
  • De endoscopist voert de endoscoop via de anus in en voert hem langzaam op door de hele dikke darm en soms ook nog een stukje door de dunne darm. Het kan daarbij gebeuren dat we u vragen om van houding te veranderen. De specialist en de verpleegkundigen zullen u hierbij helpen.
  • De ingeblazen lucht kan ervoor zorgen dat u tijdens het onderzoek winden moet laten. Dit is normaal en u hoeft zich daarvoor dus niet te schamen.
  • Tijdens het terugtrekken van de endoscoop wordt de darm goed bekeken. Eventueel worden er stukjes weefsel of poliepen weggenomen. Daar voelt u niets van. Bij het verwijderen van poliepen gebruiken we soms een lis, waar een elektrisch stroompje doorheen loopt. Hiervoor krijgt u een plakker op uw bil of heup.
  • U kunt tijdens het onderzoek wat pijn in uw buik krijgen. Dat kan komen door de lucht die in uw darm geblazen wordt, zodat de endoscopist de binnenkant van uw darm goed kan zien. Ook kan het komen door de scoop die de bochten in uw darm een beetje kan uitrekken.
  • Zodra het onderzoek beëindigd is, verwijdert de arts de scoop.

Duur onderzoek

De voorbereidingen voor het onderzoek duren ongeveer 15 minuten, het onderzoek zelf neemt 30 tot 45 minuten in beslag.

Na het onderzoek

Na afloop van het onderzoek gaat u terug naar de Dagbehandeling waar u nog ongeveer 1 tot 1,5 uur uit kunt slapen. De arts vertelt u op de Dagbehandeling hoe het onderzoek is gegaan. De meeste patiënten gaan daarna naar huis. Houd er rekening mee dat u In verband met de sedatie niet zelf naar huis mag rijden. Laat u door een bekende van u ophalen en thuis brengen. Alleen naar huis gaan met een taxi of openbaar vervoer is ook niet toegestaan.

Nazorg

Uitslag

Na het onderzoek geeft uw behandelend arts zijn voorlopige indruk van het onderzoek. Als er stukjes weefsel bij u zijn weggenomen voor onderzoek, duurt het meestal 10 werkdagen voordat de uitslag bekend is. U krijgt de uitslag bij het volgende bezoek aan de arts die het onderzoek aangevraagd heeft: uw behandelend specialist of huisarts. De uitslag wordt elektronisch naar de aanvragend arts verstuurd.

Risico's en complicaties

Een coloscopie is over het algemeen een veilig onderzoek. Toch kunnen er in een enkel geval complicaties optreden. Gemiddeld treedt er per 1.000 onderzoeken hoogstens tweemaal een serieuze complicatie op. Meestal gaat het dan om een perforatie of een bloeding.

Perforatie

Een perforatie is een scheurtje of gaatje in de darmwand. De kans dat er tijdens het onderzoek een perforatie ontstaat, is groter als:

  • de darm ernstig ontstoken is;
  • er uitstulpingen in de darm zitten;
  • er tijdens het onderzoek een behandeling plaatsvindt, bijvoorbeeld als er poliepen worden weggehaald.

Klachten die bij een perforatie optreden zijn hevige buikpijn en (later) koorts. Een perforatie kunnen we goed behandelen. De behandeling bestaat uit verschillende mogelijkheden: afwachten, een endoscopische behandeling of in uiterste gevallen een operatie.

Bloeding

De kans op een bloeding is verhoogd als er tijdens het onderzoek een behandeling heeft plaatsgevonden, zoals het verwijderen van poliepen of het oprekken van vernauwingen. Een bloeding is endoscopisch meestal goed te behandelen.

Wanneer neemt u contact met ons op

Neem direct contact op als u na het onderzoek:

  • veel bloed verliest: dit kan spontaan bloedverlies zijn of bloed dat loskomt bij de ontlasting;
  • zwarte ontlasting heeft;
  • aanhoudende hevige pijn heeft.

Contactgegevens

  • Op werkdagen kunt u tussen 08.30- 16.30 uur contact opnemen met de afdeling Endoscopie, via T 088  320 55 00.
  • ‘s Avonds, ‘s nachts en in het weekend kunt u bellen met uw huisartsenpost of met de Spoedeisende Hulp, via T 088 320 33 00. Ook kunt u bellen met de Receptie van het ziekenhuis, via T 088 320 30 00 en vragen naar de dienstdoende MDL-arts.

Expertise en ervaring

U kunt bij ons terecht voor veelvoorkomende behandelingen, maar ook voor veel complexe ingrepen. Jaarlijks behandelen wij ruim 11.000 patiënten op de poli en voeren wij gemiddeld 15.000 endoscopieën uit. Hiermee is ons MDL-centrum één van de grootste centra in Nederland.

Aandacht en persoonlijke zorg voor de patiënt staan centraal. Samen met u stellen we het best mogelijke behandelplan op. U krijgt altijd een vaste hoofdbehandelaar als aanspreekpunt. Deze behandelaar weet alles over uw behandeltraject en blijft hier nauw bij betrokken. Kankerpatiënten, hepatitispatiënten en patiënten met ontstekingsziekten van de darm (IBD) kunnen gedurende het hele traject begeleiding krijgen van een team van vaste verpleegkundigen.

Hoofdbehandelaar

Patiënten worden in het ziekenhuis regelmatig door meerdere medisch specialisten tegelijk gezien. Er is echter altijd één medisch specialist eindverantwoordelijk voor de medische behandeling: de ‘hoofdbehandelaar’. Het is voor u dus belangrijk om te weten wie dit is. Wilt u weten wie uw hoofdbehandelaar is? Vraag dit dan aan de zaalarts of verpleegkundig specialist.

Het filmpje Wie is uw hoofdbehandelaar? geeft u meer informatie hierover.

Veilige zorg in het ziekenhuis

In het St. Antonius Ziekenhuis staat veiligheid voorop. Onze medewerkers doen er alles aan om uw bezoek aan het ziekenhuis zo goed mogelijk te laten verlopen. Help ons a.u.b. om goed voor u te zorgen door ons te vertellen:  

• Welke medicijnen u gebruikt.
• Of u allergieën heeft.
• Of u (mogelijk) zwanger bent.
• Als u iets niet begrijpt.
• Wat u belangrijk vindt.
• Als u iets ziet wat niet schoon is.

Op de website van de Nederlandse Patiëntenfederatie leest u meer over hoe u zelf kunt bijdragen aan veilige zorg.

Toon meer over bijdragen aan veilige zorg

Meer informatie

Video

Website

Code
END 32-O