Een gastroscopie, ook wel duodenoscopie genoemd, is een onderzoek waarbij van de slokdarm, maag en twaalfvingerige darm worden bekeken.

Het onderzoek gebeurt met behulp van een speciale, flexibele slang die een dikte heeft van ongeveer 1 cm. Deze speciale slang wordt een scoop of endoscoop genoemd.

Op deze pagina snel naar

Meer over gastroscopie

De scoop wordt door de endoscopist (maag-darm-leverarts, of arts in opleiding tot maag-darm-leverarts) via de mond en keel naar de slokdarm, de maag en de twaalfvingerige darm gebracht. De twaalfvingerige darm is het eerste stuk van de dunne darm, dat direct onder de maag ligt. Dit deel van de darm wordt ook wel ‘duodenum’ genoemd.

Via de scoop kan de arts het slijmvlies van deze organen bekijken op een beeldscherm en zo eventuele afwijkingen zien.

Voorbereiding

Eten en drinken

Als het onderzoek in de ochtend is:

Voor het onderzoek is het van belang dat u nuchter bent. Dit betekent dat u de avond vóór het onderzoek vanaf middernacht niet meer mag eten. U mag nog wel water en thee drinken tot twee uur voor het onderzoek.  

Als het onderzoek in de middag is:

Bent u om 12.00 uur of later aan de beurt, dan mag u ‘s morgens om 7.00 uur nog een licht ontbijt. Dit houdt in: 1 of 2 beschuiten met zoet beleg en thee of zwarte koffie. Eventuele medicijnen kunt u gewoon innemen bij uw ontbijt. Daarna mag u niets meer eten. U mag nog wel thee of water drinken tot twee uur voor het onderzoek.

Verder is het prettig om iets bij u te hebben om na het onderzoek te eten.

Medicijnen

Bloedverdunners

Gebruikt u bloedverdunnende middelen, al dan niet via de trombosedienst? Neem dan uiterlijk vijf dagen voor het onderzoek contact op met de arts die het onderzoek heeft aangevraagd.

Uw arts bespreekt met u of u de bloedverdunners enkele dagen voor het onderzoek moet stoppen. Uw arts overlegt daarvoor eventueel met de maag-darm-leverarts.

Meld uw medicijngebruik ook bij de arts die het onderzoek uitvoert.

Bekende bloedverdunnende middelen zijn Acenocoumarol (Sintrom®), Fenprocoumon (Marcoumar®), Clopidogrel (Plavix®), Rivaroxaban (Xarelto®), Dabigratan (Pradaxa®), Apixaban (Eliquis®).

Diabetes

Als u diabetespatiënt bent, moeten uw medicijnen mogelijk aangepast worden tijdens de voorbereiding van dit onderzoek. Misschien kunt u uw medicijnen later nemen of overslaan. Overleg hierover met de arts die het onderzoek voor u heeft aangevraagd, met uw internist of met uw huisarts.

Kleding

Wij raden u aan tijdens het onderzoek gemakkelijke kleding te dragen. Draag bijvoorbeeld geen nauwe kraag of stropdas.

Verhinderd voor uw afspraak?

Mocht u uw afspraak willen veranderen of afzeggen, geef dit dan s.v.p. zo snel mogelijk aan ons door; uiterlijk 24 uur van tevoren. Er kan dan iemand anders in uw plaats worden geholpen.

Onderzoek

De assistent(e) komt u ophalen, brengt u naar de onderzoekskamer en legt alles nog eens aan u uit. De assistente en de arts vertellen u tijdens het onderzoek steeds wat er gaat gebeuren.

Voorbereidingen bij het onderzoek

Ongeveer vijf minuten voor het onderzoek krijgt u een kleine hoeveelheid smakeloze vloeistof te drinken. Dit voorkomt schuimvorming in de maag.

Meestal wordt uw keel plaatselijk verdoofd met een spray om de kokhalsreflex te onderdrukken. Dit kan u het gevoel geven dat uw keel opgezet is. Als uw keel verdoofd wordt, mag u minstens een half uur niets eten of drinken, omdat u zich dan makkelijk kunt verslikken.

Heeft u een kunstgebit of een andere gebitsprothese? Deze moet u kort voor het onderzoek uit doen.

U gaat op uw linkerzij op de onderzoektafel liggen.

U krijgt een soort bijtring tussen uw tanden. Daardoor kunnen uw tanden de scoop niet beschadigen.

Het onderzoek

De scoop wordt via de mond ingebracht.

U wordt gevraagd tijdens het inbrengen van de scoop een ‘slikbeweging’ te maken om het doorschuiven van de scoop makkelijker te maken.

Tijdens het onderzoek kunt u door uw neus of langs de scoop ademhalen. De scoop laat de luchtpijp vrij.

Via de scoop wordt lucht ingeblazen, zodat de arts uw slokdarm, maag en twaalfvingerige darm goed van binnen kan bekijken.

Tijdens het onderzoek kunt u slijm in uw mond krijgen. De assistente zal dit slijm, indien nodig, uit uw mond wegzuigen.

Zo nodig neemt de arts met de scoop een stukje weefsel weg (biopt) voor microscopisch onderzoek. Dit is niet pijnlijk.

Het kan ook voorkomen dat de arts een kleine behandeling uitvoert, zoals het opheffen van vernauwingen (stricturen), het weghalen van poliepen, het stelpen van bloedingen of het verwijderen van vreemde voorwerpen (bijvoorbeeld iets wat u per ongeluk hebt ingeslikt).

Zodra het onderzoek beëindigd is, verwijdert de arts de scoop.

Duur onderzoek

Het onderzoek duurt meestal maar een paar minuten. Wanneer de arts een stukje weefsel weg neemt (biopt) of een kleine behandeling uitvoert kan het onderzoek wat langer duren.

Sedatie

Sommige onderzoeken gebeuren met sedatie, ook wel een ‘roesje’ genoemd. Voor een normale gastroscopie is dit meestal niet nodig. Het is vaakvoldoende omde keel te verdoven. 

Als er voor u een roesje afgesproken is, dan krijgt u ook de folder ‘Sedatie’ gekregen. Lees deze goed door.

Risico’s en complicaties

Complicaties komen bij een gewone gastroscopie bijna nooit voor. U kunt na het onderzoek wat last van uw keel of van opboeren hebben.

Als er tijdens de scopie een behandeling heeft plaatsgevonden, zoals het opheffen van vernauwingen, een behandeling van slokdarmspataderen of van een bloeding, dan is er een klein risico op een bloeding, scheurtje (perforatie) of infectie. Een opname in het ziekenhuis kan dan nodig zijn om deze complicatie goed te behandelen.

De arts zal dit met u bespreken voordat de behandeling plaatsvindt. 

Nazorg

De uitslag

Na het onderzoek geeft uw behandelend arts zijn voorlopige indruk van het onderzoek. Als er stukjes weefsel bij u zijn weggenomen voor onderzoek, duurt het meestal minstens vijf werkdagen voordat de uitslag bekend is. U krijgt de uitslag bij het volgende bezoek aan de arts die het onderzoek aangevraagd heeft: uw behandelend specialist of huisarts.

Expertise en ervaring

Het specialisme Maag-Darm-Lever van het St. Antonius Ziekenhuis is het grootste behandelcentrum voor maag-, darm- en leverziekten in Midden-Nederland.

 U kunt bij ons terecht voor alle veelvoorkomende en een groot aantal zeldzame aandoeningen rondom de (slok)darm, de maag, de lever, de alvleesklier en de galwegen.

Meer informatie

Filmpje

Bekijk het filmpje over de gastroscopie/duodenoscopie

Websites

Op de website van de Maag-Darm-Leverstichting vindt u meer informatie over Maag-Darm-Leverziekten en hierbij voorkomende onderzoeken. 

www.mdls.nl

Gerelateerde informatie

Code
END 06-O