Behandelingen & onderzoeken

Hamerteenbehandeling

Bij hamertenen of klauwtenen is sprake van een vastzittende buigstand van het gewrichtje van de teen.

Door wrijving van de schoen kunnen er bij hamertenen aan de bovenzijde van de teen drukplekken ontstaan. Er kunnen ook drukplekken aan het uiteinde van de teen ontstaan. Hamer- en klauwtenen kunnen veel pijnklachten geven bij het lopen.

Op deze pagina snel naar

Meer over hamerteenbehandeling

tekening van hamerteen

Behandeling zonder operatie
Soms zijn de klachten te verhelpen met aangepaste schoenen, waarbij er aan de voorkant van de schoen meer ruimte is voor de tenen en de schoen van soepel materiaal is gemaakt. Ook kan de podoloog een siliconen spalkje geven om de stand van de teen te corrigeren of een steunzool om de druk op de kopjes van de middenvoetsbeentjes achter de teen te verlichten.

Operatieve behandeling
In veel gevallen is een kleine operatie aan de teen nodig om de stand van de teen te verbeteren.Tijdens de operatie verwijdert de orthopedisch chirurg het afwijkende gewrichtje, waardoor uw teen weer kan worden gestrekt. Daardoor kan de hinderlijke drukplek verdwijnen. De teen wordt meestal tijdelijk vast gezet met een metalen pinnetje. Zo kunnen beide botdelen goed aan elkaar vastgroeien.
In veel gevallen ontwikkelt zich echter een ‘schijngewrichtje’. Na afloop van de ingreep hecht en verbindt de orthopedisch chirurg uw teen.

Voorbereiding

Regel krukken vooraf

Het is belangrijk dat u vooraf krukken in huis haalt. Deze kunt u meenemen op de dag van de operatie naar het ziekenhuis. Dit kunt u onder andere regelen via een thuiszorgwinkel.

Roken

Roken vertraagt de wond- en botgenezing. Om complicaties te voorkomen, raden wij u sterk aan om tenminste 2 weken voor de operatie en tenminste 3 weken na de operatie te stoppen met roken.

Overgevoeligheid/allergie

Geef het altijd aan ons door als u overgevoelig of allergisch bent voor bepaalde medicijnen of andere stoffen, bijvoorbeeld voor jodium of pleisters.

Gebruik bloedverdunnende medicijnen

Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt dan moet u hier, in overleg met uw arts, voor de ingreep soms tijdelijk mee stoppen. Uw arts geeft aan hoelang van tevoren u met de medicijnen moet stoppen. Het is belangrijk dat u ook aan de trombosedienst doorgeeft dat u voor de artroscopie een aantal dagen met uw medicijnen stopt. Voor de ingreep controleren we uw bloed. Is uw bloed dan nog te dun, dan kan de ingreep niet doorgaan en plannen we met u een nieuwe afspraak.

Voorbereiding opname

Wat neemt u mee?
U wordt in principe opgenomen op de dag van de operatie en verblijft een nacht in het ziekenhuis. Lees meer informatie over uw opname op de pagina voorbereiding opname.  Hier staat onder andere welke spullen u nodig heeft in het ziekenhuis.

Make-up
Zorg ervoor dat u geen make-up draagt (ook geen nagellak).

Eten en drinken (nuchter zijn)

De operatie gebeurt onder algehele narcose of met behulp van een ruggenprik. Voor beide moet u voor de operatie nuchter zijn. Dat wil zeggen: u mag een aantal uren voor de operatie niet meer eten of drinken. 


  • Wordt u tussen 7.00 en 13.00 uur opgenomen, dan mag u vanaf 0.00 uur geen vast voedsel meer eten. Tot 2 uren voor uw opname in het ziekenhuis zijn heldere dranken toegestaan, zoals thee, zwarte koffie (zonder melk), water, appelsap of ranja. Niet toegestaan zijn melkproducten, sinaasappelsap, overige vruchtensappen en alcohol.

  • Wordt u na 13.00 uur opgenomen, dan mag u vóór 7.00 uur ’s morgens nog een licht ontbijt nuttigen (beschuit met jam en een kop thee). Geen zwaar/vet ontbijt. Tot 2 uren voor uw opname in het ziekenhuis zijn heldere dranken toegestaan, zoals thee, zwarte koffie (zonder melk), water, appelsap of ranja. Melkproducten, sinaasappelsap, overige vruchtensappen en alcohol zijn niet toegestaan.

In het geval dat u zich niet aan bovenstaande regels houdt kan uw operatie of ingreep niet doorgaan.

Begeleider

U heeft na de operatie pijn aan uw voet en kunt deze slechts beperkt belasten. Wij raden u daarom aan een begeleider te vragen u thuis te brengen of  u kunt gebruik maken van een taxi.

Behandeling

Op de dag van de operatie komt u naar het ziekenhuis. De verpleegkundige neemt de anamnese samen met u door, om te kijken of alle gegevens nog correct zijn. U bent van tevoren naar de verpleegkundige intake geweest.

Voor de operatie krijgt u 2 tabletten paracetamol van 500 mg die u met een klein beetje water inneemt. Dit is om voor de operatie al te starten met pijnmedicatie.

Van de verpleging krijgt u speciale operatiekleding. Sieraden, prothesen, lenzen, gehoorapparaten etc. moet u bij uw overige bezittingen op de afdeling laten liggen. Uw persoonlijke bezittingen worden tijdelijk in een afgesloten ruimte voor u bewaard, na de operatie brengen we uw spullen naar de zaal waar u verblijft.

Vanaf de opnamezaal gaat u naar de operatiekamer. Voordat u naar de operatiekamer gaat, krijgt u een desinfecterende neuszalf. Dit is om te voorkomen dat bacteriën zich naar het wondgebied verspreiden. Daarna wacht u op het moment dat u naar de operatiekamer gaat.

Verdoving
De ingreep gebeurt meestal onder plaatselijke verdoving. U krijgt twee verdovende injecties in uw teen.n 
In sommige gevallen gebeurt de ingreep onder narcose of met een ruggenprik.
 De anesthesist bespreekt van tevoren met u welke verdoving u krijgt.

De ingreep
De ingreep vindt plaats op de operatiekamer. Daar krijgt u een infuus en wordt er antibiotica toegediend om een infectie te voorkomen. De operatie kan onder narcose of met een ruggenprik worden uitgevoerd. Als u slaapt of als de ruggenprik is ingewerkt wordt uw voet gedesinfecteerd en steriel afgedekt, waarna de orthopedisch chirurg kan beginnen met de operatie. Aan het einde van de ingreep wordt een drukverband om de voet aangelegd.

Na de ingreep
Als u narcose of een ruggenprik heeft gehad, gaat u na de ingreep eerst naar de uitslaapkamer. Als alle controles goed zijn, brengt de verpleegkundige u terug naar de afdeling. Daar kunt u verder bijkomen. 


Uw voet is verbonden met een drukverband, met watten en zwachtels. De orthopeed komt bij u langs om te beoordelen wanneer u weer naar huis kunt. Als u onder narcose bent geweest of een ruggenprik heeft gehad, komt ook de anesthesioloog kijken hoe het met u gaat. 


Nazorg

Ontslag

Als u naar huis gaat, maakt de verpleegkundige voor u een afspraak voor een controlebezoek op de polikliniek. Tijdens deze controle worden de hechtingen verwijderd. Als er tijdens de ingreep een metalen pinnetje is gebruikt, wordt dit na ongeveer vier weken poliklinisch verwijderd.

Weer thuis

Houd u thuis aan de volgende regels:

  • Tijdens de eerste drie dagen mag u beperkt lopen. U mag daarbij steunen op uw geopereerde voet.
  • Als u veel moeite heeft met lopen, dan kunt u krukken gebruiken.
  • Na de eerste drie dagen kunt u het lopen geleidelijk uitbreiden.
  • Als u zit, leg dan de eerste drie dagen uw been op een stoel.
  • Na 48 uur moet het drukverband worden verwijderd. U kunt dan eventueel een pleister op de wond doen.
  • U mag paracetamol als pijnstiller nemen, maximaal viermaal daags 1000 mg. 
Als er een metalen pinnetje is geplaatst mag u niet douchen tot deze is verwijderd op de polikliniek.
  • Als u een baan heeft, bespreek dan bij uw eerste polibezoek met uw arts wanneer u weer aan het werk kunt.

Complicaties

Complicaties komen gelukkig zelden voor. Wondontsteking is de belangrijkste postoperatieve complicatie. Over het algemeen is deze goed te behandelen met antibiotica en rust. Bij oudere mensen kan op den duur een verkorting van de teen optreden.

Gerelateerde informatie

Code
ORT 06-B