Als de urineleider vernauwd is, bijvoorbeeld door nierstenen of bij een operatie in dat gebied, kan de urine niet vanuit de nier in de blaas stromen. De urine blijft dan in de nier, waardoor daar een infectie kan ontstaan.

De JJ-katheter is een dun slangetje dat van de nier naar de blaas loopt. De katheter overbrugt de vernauwing in de urineleider, zodat de urine door de katheter weer van de nier naar de blaas kan stromen. Aan beide uiteinden van de katheter zit een lus. De ene lus ligt in de nier, de andere in de blaas. Door de krullen blijft de katheter goed op zijn plek liggen.

Op deze pagina snel naar

Meer over JJ-katheter

De JJ-katheter loopt van de nier naar de blaas.

De JJ-katheter ligt met een krul in de nier en een in de blaas.

2 manieren van inbrengen

De JJ-katheter kan op 2 manieren worden ingebracht of verwijderd:

  • Onder plaatselijke verdoving. De radioloog brengt op verzoek van de uroloog de JJ katheter in. Deze behandeling vindt onder plaatselijke verdoving plaats op de interventiekamer van de afdeling Radiologie. Patiënten die in aanmerking komen hiervoor hebben eerst een uitwendige drainage middels een nefrostomie ondergaan. In tweede instantie wordt de normale doorstroming op de interventiekamer hersteld met een JJ-katheter. U wordt voor deze behandeling opgenomen in het ziekenhuis.
  • Onder volledige narcose. De uroloog plaatst de JJ katheter onder volledige narcose of tijdens een bepaalde operatie die hij/zij bij u uitvoert. De behandeling vindt plaats in de operatiekamer. U blijft een nachtje in het ziekenhuis.

De uroloog bespreekt vooraf met u welke behandeling u ondergaat.

Voorbereiding

Eten en drinken als u door de radioloog behandeld wordt

Plaatst de radioloog de JJ-katheter bij u onder plaatselijke verdoving op de Radiologie. Dan  moet u vanaf 2 uur voor het onderzoek nuchter blijven. Dat betekent dat u vanaf 2 uur voor de ingreep niet meer mag eten, drinken en roken.

Eten en drinken als u door de uroloog behandeld wordt

Plaatst de uroloog de JJ-katheter bij u, dan is het noodzakelijk dat u voor de operatie een bepaalde periode niet eet of drinkt (‘nuchter’ blijft). Als u niet nuchter bent tijdens de ingreep, is de kans groter dat er tijdens de ingreep eten en drinken uit uw maag in uw longen terechtkomt. Dit kan leiden tot een ernstige longontsteking. Het is dus belangrijk dat u zich aan onderstaande voorschriften houdt. Als u niet nuchter bent, zullen wij er voor uw veiligheid voor kiezen om de operatie niet door te laten gaan.

Houd u aan de onderstaande voorschriften:

  • Tot 6 uren voordat u in het ziekenhuis moet zijn mag u 1 of 2 beschuitjes met jam eten.

Dit betekent dat als u zich bijvoorbeeld om 08.00 uur ’s morgens in het ziekenhuis moet melden, u vanaf 02.00 uur ’s nachts niets meer mag eten. Moet u zich bijvoorbeeld om 14.00 uur ’s middags melden, dan mag u vanaf 08.00 uur ’s morgens niets meer eten.

  • Tot 2 uren voordat u in het ziekenhuis moet zijn mag u heldere vloeistoffen drinken. Dit zijn: water, appelsap en thee ZONDER melk.

Dit betekent dat als u zich bijvoorbeeld om 08.00 uur ’s morgens in het ziekenhuis moet melden, u vanaf 06.00 uur ’s morgens niets meer mag drinken. De afgesproken medicatie mag u wel met een slokje water innemen op de dag van de operatie.

Als u al bent opgenomen in het ziekenhuis en de volgende dag wordt geopereerd, dan zullen de zorgverleners op de afdeling u laten weten vanaf hoe laat u niet meer mag eten en drinken.

Overige voorbereidingen

Voorbereiding op uw opname

Zowel voor een behandeling bij de radioloog als de uroloog geldt dat een goede voorbereiding voor u en voor ons belangrijk is. Op onze webpagina Opname in het ziekenhuis (operatie) leest u meer over hoe u zich op uw opname voorbereidt en krijgt u informatie over de gang van zaken in ons ziekenhuis.

Medicijnen

Neem een overzicht mee van alle medicijnen die u thuis gebruikt. Geef al uw medicijnen in de originele verpakking aan de verpleegkundige.

Bloedverdunners

De uroloog bespreekt met u met welke bloedverdunners u eventueel moet stoppen in verband met bloedstolling. In dat geval zal er voor de ingreep ook bloed bij u geprikt moeten worden om de stollingswaarde van uw bloed te bepalen. Is uw bloed dan nog te dun, dan kan de operatie niet doorgaan.

Zwangerschap

Bent u (mogelijk) zwanger? Laat dit dan zo snel mogelijk aan ons weten.

Allergieën

Bent u allergisch voor bepaalde medicijnen, pleisters, rubber, latex of contrastvloeistof? Vertel dit dan voordat de behandeling plaatsvindt aan de verpleegkundige.

Make-up

Zorg ervoor dat u geen make-up draagt (ook geen nagellak).

Kleding

Wij adviseren u tijdens het onderzoek gemakkelijke zittende kleding te dragen, die u gemakkelijk aan- en uit kunt trekken.

Vervoer voor na de operatie

Als u volledige narcose krijgt, mag u na de ingreep niet zelf een voertuig besturen. Daarom is het belangrijk dat u voor de ingreep al vervoer naar huis regelt voor na de ingreep.

Let op: Heeft u koorts (een aanhoudende lichaamstemperatuur van 38,5°C of hoger) op de dag van uw behandeling? Neem dan contact op met Urologie.

Mijn Antonius-account aanmaken

Mijn Antonius is het beveiligde online patiëntportaal van het St. Antonius. Heeft u nog geen account? Dan is het handig als u er een aanmaakt. Op onze webpagina Mijn Antonius leest en ziet u hoe u dit eenvoudig doet. 

Afzeggen

Bent u verhinderd voor de behandeling? Laat het ons dan zo snel mogelijk weten. Neem hiervoor telefonisch contact op met de afdeling waar de behandeling plaatsvindt.

Behandeling

Melden

Meld u op de afgesproken tijd op de verpleegafdeling waar u wordt opgenomen.

Voorbereidingen op de verpleegafdeling

  • Op de verpleegafdeling heeft u eerst een gesprek met de verpleegkundige; zij stelt u een aantal vragen over uw gezondheid en medicijngebruik.
  • Op de verpleegafdeling krijgt u een infuus aangelegd, een OK-jasje aan en eventueel preventief antibiotica.
  • Zodra u aan de beurt bent, wordt u met bed gereden naar de interventiekamer van de afdeling Radiologie of naar de operatiekamer.

Ingreep

  • U neemt plaats op de röntgentafel of operatietafel.
  • U wordt aangesloten aan bewaking en krijgt een waakinfuus (indien nog niet aanwezig.)
  • Wordt u door de uroloog behandeld op de operatiekamer, dan geeft de anesthesioloog (verdovingsarts) u een narcosemiddel via een infuus of via een mondkapje. U heeft voor de behandeling met de anesthesioloog afgesproken op welke manier hij u onder narcose brengt.
  • Wordt u op de interventiekamer behandeld, dan wordt u in zijligging gelegd in overleg met de radioloog. Uw huid waar de nefrodrain zit en de nefrodrain zelf worden ontsmet. U wordt afgedekt met steriele doeken en de huid wordt verdoofd.
  • Nadat u onder narcose bent gebracht of plaatselijk bent verdoofd brengt de uroloog/radioloog een voerdraad in naar uw urineblaas/urinestoma. Hij/zij doet dit via de opening waar de nefrodrain zit.
  • Over de voerdraad heen plaatst de radioloog/uroloog de JJ-katheter.
  • Als extra veiligheid plaatst hij/zij daarna een nieuwe nefrostomiekatheter over de voerdraad. Deze katheter wordt afgedopt. Indien de inwendige drainage niet toereikend blijkt, kan de nefrostomiekatheter worden gebruikt.

Duur behandeling

Zowel de behandeling bij de radioloog, als de uroloog duurt ongeveer 1 uur.

Na de behandeling

  • Na de behandeling gaat u weer met bed terug naar de verpleegafdeling. Daar houden we in de gaten of alles goed met u gaat. 
  • Na de behandeling door de radioloog onder plaatselijke verdoving bepaalt de behandelend arts wanneer u naar huis mag. Als alles goed gaat, kan dat eventueel nog dezelfde dag zijn.
  • Na de behandeling door de uroloog onder volledige narcose bepaalt de behandelend arts wanneer u naar huis mag. Meestal blijft u een dagje ter observatie in het ziekenhuis. Zodra u naar huis mag, mag u (in verband met de narcose) nog niet zelf autorijden. Regel daarom voor de behandeling vast vervoer naar huis.
  • Als de JJ-katheter tijdens een bepaalde operatie is ingebracht bepaalt het herstel
    van die specifieke operatie hoe lang u in het ziekenhuis moet blijven.

Hoelang blijft de katheter zitten?

Een JJ-katheter kan in principe 3 tot 6 maanden blijven zitten. In extreme situaties en als er geen klachten zijn, dan kan in opdracht van de uroloog  de JJ-katheter langer blijven zitten. Als dit het geval is wordt er wel regelmatig een buikoverzichtsfoto (BOZ) gemaakt ter controle van de ligging.

Nazorg

Drink voldoende

We raden u aan dagelijks voldoende te drinken:  minimaal 1,5 à 2 liter. U spoelt hiermee op een natuurlijke manier uw nieren en blaas en het zorgt er voor dat de blaas minder reageert op de JJ-katheter.

Bijwerkingen

Urineverlies

Na de behandeling kunt u een paar dagen last hebben van ongewenst urineverlies. U krijgt hiervoor zonodig opvangmateriaal mee naar huis. Het urineverlies stopt vanzelf. Als de aandrang erg heftig blijft, dan kunt u contact opnemen met de poli Urologie.

Bloed of bloedstolsels

Na de behandeling kunt u bloed en/of bloedstolsels in uw urine hebben. Dit is normaal. Dit gaat binnen 1 tot 2 dagen over. Als u bloedverdunners gebruikt kan het 2 tot 3 dagen duren. Het bloedverlies kan wisselend optreden.

Overige bijwerkingen

  • Tijdens het plassen kan via het de JJ katheter wat urine terug naar de nier lopen. Dit kan tijdelijk een onprettig gevoel in de flank geven, het zakt na het plassen weer weg.
  • De krul van de JJ katheter in de blaas kan wat irritatieklachten/plasdrangklachten geven. Mocht dit zo zijn kunt u hier medicatie voor krijgen.
  • De krul van de JJ katheter kan af en toe voor wat bloedverlies zorgen.

Wanneer moet u contact opnemen?

Het kan gebeuren dat u na de behandeling klachten krijgt. U moet contact met ons opnemen als u:

  • 2 weken na de behandeling nog veel bloed of bloedstolsels in uw urine heeft;
  • koorts heeft (boven 38,5°C);
  • brandende pijn heeft bij het plassen;
  • niet meer kunt plassen;
  • een continu krampende pijn heeft in uw nierstreek (uw zijden/rug).

Met wie contact opnemen?

  • Tijdens kantoortijden kunt u contact opnemen met de poli Urologie.
  • Buiten kantoortijden kunt u contact opnemen met de huisartsenpost.
  • In noodgevallen kunt u de Spoedeisende Hulp (SEH) bellen.

Expertise en ervaring

De urologen van het St. Antonius Ziekenhuis hebben uitgebreide expertise op het gebied van alle algemene urologische zorgvragen. Vanwege de omvang van de urologische praktijk hebben zij veel ervaring op het gebied van alle mogelijke urologische ziektebeelden.
Daarnaast beschikken zij over de meest moderne apparatuur om tot een goede diagnose te komen en de voor u meest passende behandeling aan te kunnen bieden.

Veilige zorg in het ziekenhuis

In het St. Antonius Ziekenhuis staat veiligheid voorop. Onze medewerkers doen er alles aan om uw bezoek aan het ziekenhuis zo goed mogelijk te laten verlopen. Help ons a.u.b. om goed voor u te zorgen door ons te vertellen:  

• Welke medicijnen u gebruikt.
• Of u allergieën heeft.
• Of u (mogelijk) zwanger bent.
• Als u iets niet begrijpt.
• Wat u belangrijk vindt.
• Als u iets ziet wat niet schoon is.

Op de website van de Nederlandse Patiëntenfederatie leest u meer over hoe u zelf kunt bijdragen aan veilige zorg.

Toon meer over bijdragen aan veilige zorg

Hoofdbehandelaar

Patiënten worden in het ziekenhuis regelmatig door meerdere medisch specialisten tegelijk gezien. Er is echter altijd één medisch specialist eindverantwoordelijk voor de medische behandeling: de ‘hoofdbehandelaar’. Het is voor u dus belangrijk om te weten wie dit is. Wilt u weten wie uw hoofdbehandelaar is? Vraag dit dan aan de zaalarts of verpleegkundig specialist.

Het filmpje Wie is uw hoofdbehandelaar? geeft u meer informatie hierover.

Code
URO 32-B